Category

Shirl

Category

Mijn hele puberteit bestond uit vervelende gevoelens. In mijn hoofd paste ik nergens bij en toen mijn beste vriendin verhuisde naar Zweden leek ik nergens nog zo goed aansluiting te vinden, nergens, behalve in muziek. Muziek werd een vervanging voor de leegte die ik altijd bleef voelen qua vriendschap en zo ook dit nummer. Als ik vrij was verbleef ik grotendeels alleen op mijn kamer met muziek in mijn oren en ergens in 2007 kwam dit nummer voorbij; het gaf mij troost en hoop dat ik er ondanks mijn sombere gevoelens toch echt niet alleen voor stond.

Als je weer een wedstrijd hebt verloren
en je voelt je niet zo fijn
weet dan dat je extra goed moet zaaien
wil de oogst wat beter zijn
maar je vind de hulp zo overbodig
want je weet het zelf zo goed
toch heb je je naaste mensen nodig
die vertellen hoe het moet

Ook al kreeg ik heus fijne complimenten van mijn familie en waren er meestal wel leerlingen op school die mij aardig leken te vinden, voor mijn gevoel verloor ik altijd alles waar ik aan begon. Om hulp vragen zat er voor mij niet bij want ik voelde me te min om hulp te krijgen. Die andere mensen hadden naar mijn weten wel wat beters te doen dan zich druk maken om waar ik mee zat. Wat ik te vertellen had was niet belangrijk genoeg.
Het was dan ook heel fijn om in deze mannen te horen zingen dat je best andere mensen nodig mag hebben om even te vertellen hoe het leven nou eigenlijk moet.

”Want het een kan niet zonder het ander
Dus pak maar m’n hand
stel niet teveel vragen
je kunt niet als enige de wereld dragen
pak nou maar m’n hand
laat mij de weg wijzen
er is geen probleem als je keer op keer jezelf wilt bewijzen
maar je kunt het niet alleen”

Ondanks mijn buitengewoon goede talent om mezelf overal buiten te sluiten deed ik wel altijd en overal (veel te veel) mijn best om leuk gevonden te worden. Een gevolg daarvan was dat anderen heel goed door kregen hoe zij misbruik van mijn goedheid konden maken, iets wat zorgde voor situaties die nu in mijn herinneringen gebrand staan als trauma’s. Praten over dat wat ik meemaakte deed ik niet, nooit. Maar muziek heeft mij altijd geholpen om overeind te blijven en enigszins door te gaan.

”ik reik je m’n hand dus grijp deze kans
want ik bied graag m’n hulp aan jou
aan jou
ik hoop dat jij m’n handen vertrouw
t

Pak maar m’n hand
stel niet teveel vragen
je kunt niet als enige de wereld dragen
pak nou maar m’n hand
laat mij de weg wijzen
er is geen probleem als je keer op keer jezelf wilt bewijzen
maar je kunt het niet alleen”

Heel lang voelde ik mij alleen op de wereld, heel lang had ik het gevoel dat ik nergens terecht kon en dat mijn verhaal er niet toe deed. In 2010 ging ik uit met wat meiden van school en daar stond Bas. Een leuke vent die mij aan keek en ik snapte werkelijk niet waarom. Stond m’n blouse open? Was m’n make-up uitgelopen? Zat m’n haar gek door het fietsen naar Saasveld? Wat was er toch? Waarom keek hij zo? Neen, hij keek zo omdat hij interesse had in mij terwijl ik daar helemaal niets voor hoefde te doen. Ik weet nog hoe bijzonder ik het vond dat ik aandacht kreeg van een degelijke vent (hallo, eindelijk geen aso!) en zou nooit vergeten hoe speciaal het voelde toen hij me aankeek en mijn handen pakte. Was dit waar Nick en Simon over zongen?
In de week daarop had ik mijn hele levensverhaal voor het eerst vertelt, gooide ik alle traumatische ervaringen op tafel én kreeg ik te horen dat ik altijd bij hem terecht zou kunnen met alles wat ik meegemaakt had en zou meemaken.

Ik had nooit verwacht dat een liedje zó van toepassing zou kunnen zijn op de rest van mijn leven en toen ik dit nummer voor het eerst hoorde had ik nooit durven hopen dat ik er ooit over zou schrijven zoals ik dat doe.
Nu ik dit schrijf ben ik nog blijer met mijn muziek tattoo dan ik al was, mijn liefde voor muziek zou nóóit stoppen.
Ik doe er toe, ik mag mijn verhaal delen, ik mag die ene hand pakken en ik hoef het niet alleen te doen!

Het is alweer een tijd geleden dat ik een blog schreef, een tijd tijd waarin een heleboel veranderde. Mijn laatste blog ging over het feit dat ik me niet thuis voelde in ons eigen huis want ik voelde me toen alles behalve goed. Ik heb het de afgelopen weken vaak terug gelezen en zelfs getwijfeld om al mijn “oude” blogs te verwijderen. Niet omdat ik niet meer achter mijn woorden sta maar omdat de Shirl van ‘toen’ slechts een schim lijkt van wie ik nu ben.

In de afgelopen maanden heb ik héél hard gewerkt aan mijn herstel zonder echte hulp (want: Corona) en heel goed gekeken naar wat ik wel en niet wil, kan en moet. Ik ben gestopt met al mijn medicijnen tegen alle adviezen in maakte hele mooie sprongen vooruit. Sprongen waar ik 2 jaar geleden niet meer over durfde te dromen.

Wat ook meespeelt in mijn weg terug naar geluk, is een bijzonder moment tijdens de paasdagen. Ik voelde me een beetje gek, was misselijk en mijn borsten deden zeer, dus ik deed voor de zekerheid een zwangerschapstest. Say whut? Een wat? Ja, je leest het goed; die test was namelijk in een rap tempo positief en ik ben op het moment dat ik dit schrijf 12 weken zwanger!

Het allereerste wat mensen vragen zodra ik mededeel dat ik zwanger ben is (natuurlijk) hoe het nu met me gaat en ik kan niet anders zeggen dan heel erg goed. Mijn psyche heeft een enorme omslag gemaakt sinds ik gestopt ben met mijn pillen, ik sta weer met beide benen op de grond en slaap niet meer halve dagen. Het enige wat ik echt nog heel erg lastig vind is mijn angststoornis, die is namelijk weer wat meer naar boven gekomen. Ik ben heel erg bang voor elke echo, heel erg bang dat het allemaal niet goed gaat, bang voor corona, bang om naar de winkel te gaan en ben een kei in doemdenken. Gelukkig heb ik de liefste man die mij regelmatig uit mijn angsten trekt, dat heb ik op dit moment echt wel even nodig.

Dat het beter gaat betekent niet dat we ook van de hulpverlening af zijn gelukkig. Mijn ambulante begeleidster belt mij elke week op om even te checken hoe het gaat en de verpleegkundig (GGZ) specialist houdt me ook goed in de gaten; een tijd geleden werd ik door haar doorverwezen naar de POP poli, maar die kunnen op dit moment nog niet veel voor mij doen, daarvoor gaat het namelijk te goed (ook wel eens fijn om te horen!).

Aankomende maand hoor ik of ik onder controle blijf bij de gynaecoloog of toch terug mag naar de verloskundige, dat vind ik best spannend want ik vind de sfeer bij de verloskundigen toch wat fijner. Ik verwacht echter niet dat ik terug mag met mijn lichamelijke mankementen, maar we gaan het meemaken!

Ondanks mijn angsten voel ik me echt veel beter en kan ik me niet meer voorstellen dat ik mij een paar maanden geleden zo slecht voelde. Alle hulpverleners staan er van te kijken dat ik zonder (de best wel zware) medicatie overeind blijf staan, dat het nu zoveel beter gaat en dat ik me ondanks mijn angsten niet laat leiden door angst. Ik ben super trots, op mezelf en op ons gezin!

Na 6 weken opname op de PAAZ ben ik inmiddels alweer een aantal weken thuis. Ik krijg veel en vaak de vraag hoe het nu met me gaat en heb lang zitten nadenken wat ik hierover zou gaan schrijven. Als mensen mij vragen hoe het gaat zeg ik namelijk vaak dat het goed gaat, lekker makkelijk. Maar het gaat helemaal niet zo goed.

Op de afdeling had ik mijn vaste ritme, ik wist wat mij te doen stond en er was bijna geen mogelijkheid om mezelf te overvragen. Ik had overzicht, duidelijkheid en regie over wat ik wel en niet wou en deed. Ik begon me thuis te voelen op een plek waar dat helemaal niet hoort.

En nu ben ik echt thuis, terug op de plek waar ik een tijdje weg was omdat ik van de medicatie af wou en omdat ik het helemaal niet meer trok om thuis te zijn. De eerste week dacht ik dat ik gewoon weer even moest aarden maar na een aantal weken thuis zijn heb ik een angst ontwikkeld; ‘ga ik me ooit weer thuis voelen, thuis? Wat als thuis komen nooit meer als thuis komen gaat voelen?’

Ik voel me leeg, overvraag mezelf in alles wat ik doe en ik ben het hele overzicht over mijn leven even kwijt. Ik overzie het even helemaal niet meer en mis een ritme. Zeker nu de kinderen fulltime thuis zijn door de corona crisis is het lastig om aan mezelf te blijven denken en vooral om aan mezelf te blijven werken.

Inmiddels wacht ik alweer een hele tijd op een behandelplan en door alles wat er nu gebeurt is er nog steeds geen duidelijkheid over de behandeling die ik ga krijgen. Tot die tijd moet ik het zelf maar zien te redden thuis maar hoe ik dat moet doen kan niemand mij vertellen.

Ik heb niet veel vragen maar wel één die maar in mijn hoofd blijft spoken; ‘hoe overleef ik mezelf?’

Terwijl het volstroomt in de La place, hebben Shirl en ik er al ruim een kop koffie en taartje op zitten. We kunnen zo over naar het volgende kopje koffie. Gezellig kletsen en de tijd verstrijkt zonder dat we het door hebben. Bijzonder hoe dat is, dat je een vriendschap kunt laten ontstaan via een blog.

Via Suus kwamen we in contact met elkaar en was er gelijk een klik. Met z´n drieën bouwen aan de blog, in een whatsappgroep en er was meer dan alleen de blog. Er kwam ruimte voor alles. Voor wie we waren, als persoon en wat we doormaakte in de dagen. Zo nu en dan kwam er een facetimegesprek tussendoor om voor de blog iets te bespreken maar altijd sloten we af met een persoonlijk gesprek. We vonden het belangrijk die tijd in elkaar te steken omdat we meer zijn dan alleen een blog.

Van whatsapp gesprekken, spraakmemo’s en facetimegesprekken kwam dan ook een meeting bij de Ikea.  Met een buik vol kriebels en een hoofd vol spanning vertrokken we beiden naar de IKEA om elkaar daar voor het eerst te ontmoeten. Voor het eerst, terwijl we elkaar al zo goed leken te kennen. Voor het eerst offline daten, hoe zou dat gaan?

Die kriebels verdwenen als sneeuw voor de zon. We bestelden een taartje, schonken koffies in en kletsten alsof we elkaar echt al jaren kenden. De tijd ging veel te snel voorbij en voor we het wisten, moesten we nog zoveel doen voor de blog. Dat was ook een van de dingen waarom we hadden afgesproken. Dus gingen we aan de slag. Een date die dus ontzettend gezellig was en waar we veel samen konden betekenen voor de blog. En de vriendschap die online bestond, werd ineens offline nog gezelliger!

Lieve Finn,

Weer eens een brief van je tante, of eigenlijk meer een gedichtje vandaag. Maanden, weken en dagen dacht ik al aan dit moment. Elke 13e is lastig maar vandaag schrijf en lees ik dit met een traan. Vandaag is het jouw jaardag lieve Finn, vandaag zou je 1 jaar geworden zijn en het gemis is groot.

Ik denk vandaag extra veel aan jou, je ouders, broers en zus. Jullie zijn allemaal kanjers ⭐

Had ik maar een trappetje
Om naar jou toe te gaan
Om slingers op te hangen
En te dansen op de maan
Had ik maar een trappetje
Dan was je gewoon bij mij
Dan zouden we samen zingen;
“Alweer een jaar voorbij”
Had ik maar een trappetje
Om jouw jaardag te vieren
Om samen met z’n allen
De maan en sterren te versieren

X, Shirl

Lieve Finn, we missen je! Doe je een knuffel aan je sterrenvriendjes?
Wil jij een kaarsje voor Finn, mijn zus en (bijna)zwager aansteken vandaag? Gebruik dan #kaarsjesvoorfinn ❤️

Wanneer ik dit schrijf zit ik in mijn derde week hier, op de afdeling psychiatrie. Ik krijg hier continue de vraag hoe het gaat en hoe ik me voel. “Leeg” antwoord ik meestal. Want als ik moet omschrijven wat ik voel is leegte het enige wat in me opkomt. Vannacht ben ik wel 30 keer wakker geworden omdat ik me zo slecht voelde. Het is straks 24 uur geleden dat ik m’n laatste oxycodon gekregen heb en dat hakt er in. 

Ik weet dat ik trots mag zijn op wat ik nu heb bereikt maar ik voel het niet. Ik voel geen trots, geen blij, geen opgelucht en geen fijn gevoel. Ik voel me leeg. De afgelopen nacht heb ik alles geprobeerd, van rondjes lopen in m’n kamer tot helemaal niets onder m’n verzwaringsdeken en het hielp allemaal niet.

Nou weet ik inmiddels dat veel mensen denken dat ik het me inbeeld, al mijn afkickverschijnselen. Maar niets is minder waar; ik voel leeg en onrustig en niets lijkt te helpen. Ik zweet me een ongeluk, ben al sinds het afbouwen non stop misselijk en tril als een vibrator. Daarnaast is de pijn nu erger dan ik me kan herinneren en voelt de wereld eng zo, zonder verdoving. 

Ik voel me leeg en ben bang voor wat mij komende weken te wachten staat. Zo leeg en bang dat ik zou kunnen huilen nu de verpleging mij net vraagt hoe ik geslapen heb en hoe ik me voel. Zo leeg, dat huilen niet lukt. Ik kijk haar aan en zeg lachend dat het niet zo goed gaat, ze zegt dat ze me wel heeft zien slapen en ik beaam dat ik dat heus wel gedaan heb (soms). Lachend zegt ze dat haar dienst er zo op zit en lachend wens ik haar een fijne dag.

Lachend, maar van binnen huil ik me de ogen uit m’n hoofd. Ga ik ooit weer voelen?

Hallo, hallo. Hier volgt een bericht vanaf Saturnus. Sinds een tijdje spreken Bernice en ik over het leven op Saturnus en ik merk dat ik dat steeds vaker gebruik in mijn vocabulaire. “Nu even niet, ik leef even op Saturnus” komt dus redelijk vaak voor en niet iedereen snapt wat ik daarmee bedoel. Of eigenlijk; ´wat wij daarmee bedoelen´. Daarom bij deze een lijstje met kenmerken en eigenschappen van het leven hier, op Saturnus:

  1. Ik ben wel aanspreekbaar maar reageer vaag of helemaal niet. Het leven op Saturnus is hard en het is er koud. Ik heb al mijn energie dus nodig om te overleven snap je?
  2. Ik ben niet aanspreekbaar maar reageer wel op dingen. Of het ook daadwerkelijk toegevoegde waarde heeft is een vraag.
  3. Ik ben er wel, maar alles wat je zegt komt niet binnen.
  4. De wereld draait door, je ziet me wel zitten, maar ik voeg niks toe aan de gehele toestand waar ik op dat moment verkeer. Dan kun je denken aan: het verkeer; ja ik reed tegen een paal aan. koken; ik liet aanbranden wat ik maakte, op de bank; ik zocht mijn telefoon terwijl ik hem vast had, enzovoort.
  5. Mijn hersenen zijn overprikkeld, je kunt praten met me, maar diepzinnige gesprekken hebben, is zinloos want een minuut later heb ik geen idee waar we het überhaupt over gehad hebben.

Met leven op Saturnus bedoelen we dus eigenlijk dat we geestelijk even niet op deze wereld zijn. Je ziet ons wel maar of we jou ook zien en ervaren, dat is de vraag. Je helpt ons door er gewoon te zijn en ons te laten voor wie we zijn; ga niet teveel in op onze afwezigheid, dat werkt namelijk ontzettend averechts.

Leven op Saturnus, heb jij het ooit meegemaakt?

Een aantal jaar geleden (toen ik nog studeerde) had ik als bijnaam confettihoofd. Omdat ik vaak de vraag krijg waar en wanneer ik kortsluiting krijg wil ik je graag meenemen in mijn hoofd; waarom confettihoofd?

Stel je een grote ronde ruimte voor met daarin aan alle kanten ramen en deuren. Die ramen en deuren hebben altijd overwerk en gaan continue open en dicht. In het midden van de ruimte lag ooit een nette stapel papier in alle kleuren maar ergens in mijn ontwikkeling, ergens in mijn leven, veranderde die papieren in ronde snippers. Confetti. In het begin nog redelijk bij elkaar maar inmiddels is het een grote massa waar steeds meer confetti bij komt.

Je kunt je voorstellen dat confetti in je hoofd hebben al lastig is wanneer je enkel last hebt van de ramen en deuren die continue open gaan want confetti waait nogal met de wind mee en de wind in mijn hoofd gaat dus werkelijk alle kanten op. Wat het nog lastiger maakt dat ik confetti in mijn hoofd heb is het feit dat mijn hoofd continue nette stapels probeert te maken van alle kleine stukjes confetti. Kleur voor kleur, vorm voor vorm, rij voor rij.

Elke prikkel is een raam die open waait, elke kortsluiting is een deur die open waait en ik heb continue, hele dagen last van prikkels en kortsluiting. In mijn hoofd is het storm inmiddels en middenin die storm probeert mijn hoofd nog altijd stapels te maken. Elke keer wanneer dat net lukt gaat er weer een raampje open en wordt de storm weer erger.

Op school stond ik bekend om mijn vergeetachtigheid, mijn warrige blik en het idee dat ik afwezig was. Men was eraan gewend geraakt dat ik af en toe teveel bezig was met stapels en rijtjes maken en omdat ik het zo vaak over die confetti had werd ik confettihoofd genoemd.

Dag meisje, ja meisje, want dat ben je nog, ook al vind je jezelf al een hele dame. Je bent net 13 geworden en zit in de brugklas. Al sinds je 9e ben je ongesteld en de hormonen gieren door jouw lichaam. Je lijkt vrolijk, blij met hoe alles gaat en lijkt blij met jezelf te zijn. Wat anderen niet zien en wat je niemand vertelt, is hoe jij je echt voelt.

lieve mini Shirl, 
Wat ben je mooi! Ik had gewild, dat ik door de tijd heen kon schreeuwen dat ik je zo’n leuk meisje vind.
Je hebt heel wat meegemaakt samen met je familie en elk jaar met oud & nieuw hoopte, wenste en sprak je weer over een hopelijk beter jaar.
Dit jaar werd jij 13 en dit jaar leek fantastisch te gaan worden.
Als ik iets voor jou kon wensen, zou het zijn dat jouw minderwaardigheidscomplex niet steeds erger zou worden, dat je niet nog onzekerder zou worden en niet nog meer de bevestiging nodig zou hebben dat je er mag zijn.

Dit jaar werd voor jou alles behalve fantastisch. Je begon met automutilatie en omdat je nooit zeker was over jezelf, je vriendschappen en alles om je heen, zocht je steeds meer de aandacht bij andere mensen. Bij verkeerde mensen Shirl. Waarom geloofde je, jouw grote zus niet, toen ze je wees op het feit dat hij echt niet datgene wilde, waarvan jij dacht van wel? Je bent stapelverliefd op een jongen die helemaal niets geeft over hoe jij je voelt.

Omdat je zo verliefd bent zie je niet wat anderen zeggen en spreek je gewoon af met hem, met het excuus naar het thuisfront dat je bij een van je
vriendinnen bent. Een verkeerde afspraak, dat kan ik je nu, als je toekomstige versie zeggen. Maar jij weet van niets.

Met een buik vol vlinders fiets je met hem mee naar zijn huis. Als je daar aankomt zie je dat er helemaal niemand thuis is. Hij laat je zijn kamer zien en terwijl jij naïef denkt een film te gaan kijken, neemt hij je mee naar je donkerste nachtmerrie. De eerste van een hele toekomstige reeks, maar daar
schrijf ik ik een andere keer wel over
. Nu, achteraf, had je waarschijnlijk hard nee geroepen maar destijds was je te verliefd en daarna in shock en liet je het gebeuren, al was het van je gezicht te lezen dat je niet wou.

Met keiharde muziek op en tranen over je wangen fietste je naar huis. Thuis aangekomen deed je regenboog en eenhoorns en dacht je dat niemand zou zien dat je verdriet had. Je at niet en in totale shock ging je naar boven, waar je jezelf weer verwondde. Waarom toch meisje? Het was niet jouw schuld, je bent geen verschrikkelijk mens. Het leven is soms net een roos, het is zo mooi maar soms krijg je te maken met de stekels die het bevat.

Terwijl het leven voor iedereen door lijkt te gaan doe jij alsof er niets gebeurt is en doe je vrolijk mee. Vrolijk zou nooit meer dezelfde betekenis hebben, want jouw vrolijk is tot de dag dat ik dit schrijf niet meer hetzelfde geweest. De volgende oud & nieuw wens jij geen beter jaar maar een wonder, je wenst dat de pijn die je op dat moment voelt ooit zou stoppen. 

Lief meisje, had om hulp geroepen om hulp gezocht, had je ouders verteld wat er gebeurd was. Was gaan praten. Ik weet zeker dat er iemand was, niet een persoon, maar een heel leger, die naar jouw verhaal had willen luisteren. Je bent meer, beter en leuker dan je denkt. Ik hoop dat je, je dat ooit gaat beseffen.

Liefs,
je huidige versie

Ik ”zit” nu een jaar thuis, een jaar waarin mij veel en vaak gevraagd werd wat ik eigenlijk voor een werk doe. Met een heleboel schaamrood vertel ik dan dat ik thuis zit, dat er altijd iemand is die op de kinderen wacht. Nooit, echt nooit, heb ik het woord huismoeder in mijn mond genomen want daar had ik zo mijn negatieve associaties mee. Huismoeder; ‘brrr….. Zo’n bakfiets moeder die op het schoolplein blijft hangen en de hond op vaste tijdstippen uitlaat zeker? Dat NOOIT!’

We zijn inmiddels dus een jaar verder en sinds een paar weken durf ik het woord huismoeder in mijn mond te nemen, al blijft het een lastig begrip.
Want ook parttime en fulltime werkende moeders zijn huismoeders, hun werk stopt niet wanneer ze thuis komen, de was wacht vaak netjes op je en de puinzooi van de kinderen ruimen we allemaal op (neem ik aan toch?)
Ik heb inmiddels die beruchte bakfiets, maar dat is puur uit veiligheid en zelfredzaamheid, Maar al zou het anders zijn, dan is dat nog oké.

Waarom krijgen we anno 2019 nog steeds jeuk van het woord huismoeder? Ik denk omdat we nog steeds het beeld hebben van een paar decennia geleden; dat zulke vrouwen niet meer doen dan de huishouding en enkel leven voor de kinderen.
Inmiddels is een huisvrouw zoveel meer dan dat, als je geluk hebt (!) heb je een man naast je die je helpt zowaar hij kan en het is echt oké om de was een keer (of vaker) te laten staan omdat je, je favoriete serie kijkt. Die bakfiets is verrekte handig en als jij je op het schoolplein vermaakt met de andere moeders; ook dikke prima toch?

De perfecte huismoeder bestaat niet.
Hoe kijk jij tegen het woord huismoeder aan?