Afgelopen woensdag reed ik na lang tijd weer zelf in de auto om mijn moeder naar de trein te brengen. Om ‘safe’ te spelen (of beter gezegd: om te vermijden) liet ik mijn moeder rijden op de heenweg.
In de auto keek ik al goed om mee heen voor de terugweg. Waar moet ik rekening mee houden? Staat er een file op de andere weghelft, zijn er wegafsluitingen of andere obstakels? Waar staan de stoplichten en zijn er heuvels waardoor ik de hellingproef nodig heb?

Bij het station ging mijn moeder fileparkeren. Wéér een monstergedachte in mijn hoofd: ‘Het gaat mij nooit lukken om de auto daar uit te rijden’, ‘Ik wacht in de auto wel net zo lang totdat de auto voor of achter mij wegrijd’

Samen met mijn moeder liep ik naar de trein om haar uit te zwaaien. Ik kreeg haar autosleutels in mijn handen gedrukt. SLIK.
In mijn hoofd was dit gedoemd te mislukken en zag ik alleen maar obstakels en één grote survivalbaan. 
Ik realiseerde me dat ik wel héél veel monstergdachten in mijn hoofd had.

Flashback terug naar de kliniek
In de kliniek leerde ik vaardigheden waar ik de rest van mijn leven profijt van ga hebben. Zo leerde ik mijn meest voorkomende destructieve gedachten (hierna monstergedachen): “Ik kan het niet” , was wel de grootste waardoor ik veel dingen liet voor wat het was of vermeed.
Ook leerde ik dat het lijstje met alles wat ik vermeed, steeds langer werd.

Even een basaal voorbeeld: stel je voor dat ik ooit eens bijna in een besje gestikt ben. Eerst eet ik geen besjes meer. Besjes zitten aan struiken in het bos, ik loop vervolgens maar routes door het bos waarbij ik deze struiken niet tegen kom.  Op alle routes die ik door het bos loop, kom ik deze struiken tegen, dus besluit ik nooit meer in het bos te lopen.
Op een dag fiets ik naar het centrum en zie ik langs mijn fietsroute dezelfde struiken mét besjes. Voortaan fiets ik maar een andere route – and so far – .


Terug naar de auto
Ik werd me bewust van mijn monstergedachten. In de auto deed ik mijn stoel en spiegel goed, lampen aan en mijn gordel om. Ik keek mezelf aan in de binnenspiegel en sprak mezelf toe: “Oké, merk al die monstergedachten op, laat ze er zijn, maar laat ze achterin de auto. Het zijn gedachten, gedachten zijn geen waarheid’.

Ik draaide de sleutel om, zette de auto in de goede versnelling en gaf gas. Ik reed de auto meteen goed tussen de twee andere auto’s uit. Reed langs het station, door de stad richting de snelweg.
Éven bedacht ik een ‘vluchtroute’ (een route zonder stoplichten), maar sprak mezelf toe: “Nee Suus, je gaat gewoon door alle stoplichten, dat kun je wel”. En dat kon ik.

Op de snelweg overviel me een gevoel van vrijheid en daar werd ik erg blij van. De hele week mag ik mijn moeders auto lenen (echt luxe, we hebben een auto, maar daar rijdt mijn man de hele week mee naar zijn werk). Dus ik denk dat ik wat vriendinnen ga bezoeken die wat verder weg wonen!

Op korte termijn ervoer ik véél stress, maar gaandeweg maakte dat plaats voor een overwinning. De stress en angst nam af. De gedachten mochten er zijn, want het heeft een reden dat dat zo gekomen is. Maar de gedachten en angst hebben me niet beïnvloed. Ik reed!

Dat gun ik jou ook. Welke angst je ook hebt, probeer ze aan te gaan. Test jezelf daarmee ook: Wat is het allerergste wat jou kan overkomen? En nadat je jouw angsten aangegaan bent: Is de angst uitgekomen?
Lukt het niet om de hele stap te nemen, welke kleine stappen kun je dan ondernemen?
Ik weet zeker: Als ik het kan, kan jij het ook!

Suus | 31 - Woont in Friesland | vriendin - vrouw - tante - zusje Schrijft graag | Doet het liefst alles achter de schermen | Houdt van indie/alternatieve muziek - gaat graag naar concerten | Zwanger van onze eerste | Heeft haar eigen webshop: www.postvansuus.nl

4 gedachten over “Exposure”

    • Ja zeker. Niet dat ik de auto veel nodig heb (fiets altijd overal naar toe), maar het geeft wel nét iets meer mogelijkheden.
      (Plantjes scoren bij het tuincentrum bijvoorbeeld!)

  • Hallo Suus.
    ‘k Heb net je verhaal gelezen. heerlijk voelt zo’n overwinning dan hè?
    Jaren geleden toen ik erg depressief was, ben ik eens tijdens een kerkdienst huilend de kerk uitgelopen. Het heeft maanden geduurd eer ik weer naar een kerkdienst durfde te gaan, doodsbenauwd was ik dat ik weer ‘op de vlucht zou slaan.’ toen ben ik op een zondag toch gegaan, ging helemaal achterin zitten. Stel je voor dat ik….dan stond ik zo buiten. Met bonzend hart zat ik daar, maar bleef zitten. Dat gaf de burger moed, en de volgende zondag ging ik weer, en een stukje verder nam ik nu plaats. Het kwam uiteindelijk weer helemaal goed! Voor mij was jouw verhaal dan ook héél herkenbaar.
    Hart,gr Ankje.

    • Dag Ankje,
      Wat mooi, deze reactie. Ja inderdaad, zo’n overwinning voelt héérlijk!
      Mooi ook te lezen dat jij zo de kerkdienst weer overwonnen hebt.
      Stapje voor stapje. Bedankt!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *