In mei 2019 kwam ik erachter dat ik coeliakie had. Na een lang gevecht tegen mijn lichaam, snapte ik eindelijk waar al mijn klachten vandaan kwamen. Stiekem was die diagnose ook wel een opluchting: “er is iets aan te doen en het kan beter worden”, dacht ik. Op dat moment had ik nog niet door wat de impact zou gaan zijn van deze diagnose.

Diëten
De afgelopen tien jaar heb ik mezelf op heel wat diëten gezet. Niet vanwege de lichamelijke klachten, maar uit ‘eetstoornis overwegingen’. Met andere woorden: mijn eetstoornis liet mij geloven dat het beter was als mijn warme maaltijden veganistisch zouden zijn. Of E-nummervrij. Of zonder pakjes, zakjes en andere prefabshizzle. Overal op internet vond ik bewijzen die ondersteunde dat mijn eetstoornis gelijk had.

Iedere keer dat ik mezelf op een nieuw dieet zette, was dat weer schakelen. Ik moest anders leren koken en dus andere boodschappen gaan doen. Al vrij snel wende dit en wist ik wat ik wel en niet “kon” eten. Ja, het was in het begin even zoeken. Want naast het nieuwe dieet, moest alles wat ik at wel eetstoornis-proof zijn. Dat betekende dat alles zo mager mogelijk moest zijn, zo min mogelijk calorieën, vetten en koolhydraten. De keukenweegschaal was, naast mijn gewone weegschaal, mijn grootste vriend en vijand.

Coeliakie, een heel ander verhaal…
Toen ik echter gediagnosticeerd werd met coeliakie, was dit een heel ander verhaal. Dit was geen eetstoornis-ingeving waar ik op ieder moment mee kon stoppen. Nee, dit betekende een radicale verandering voor de rest van mijn leven. Toen dát besef door begon te dringen, maakte de opluchting al snel plaats voor boosheid en verdriet. Het voelde alsof ik gestraft werd voor het jarenlang verwaarlozen van mijn lichaam.

Voorzichtig begon ik in mijn omgeving te delen dat ik coeliakie had. Voorzichtig, want ik was bang dat mensen zouden denken dat dit wéér een eetstoornis-ingeving zou zijn en dat ik mee zou gaan in de glutenhype die de afgelopen jaren is ontstaan. Ik ontdekte dat meer mensen in mijn omgeving coeliakie hadden of om medische redenen aangewezen waren op een bepaald dieet. Zij vertelden mij allemaal hetzelfde: ‘ik ben ook boos en verdrietig geweest, maar het wordt echt beter. Je leert ermee omgaan.’

Jaja, dat zal allemaal wel…
Ik geloofde er niet in. Het voelde alsof de grond onder mijn voeten vandaan was geslagen. Dit zou niet voor mij gelden, het zou écht nooit meer beter worden. Ik zou mijn leven lang boos en verdrietig blijven om het onrecht dat mij werd aangedaan.
Al snel had ik door dat die slachtofferrol me niet ging helpen. En dus ging ik op onderzoek uit en leerde ik glutenvrij te koken en te eten.

Inmiddels zijn we tien maanden verder en die mensen om me heen hebben gelijk gekregen: mijn boosheid en verdriet, zoals die in de eerste periode aanwezig waren, zijn weggezakt. Ja, af en toe baal ik als ik in een koffietentje zit en er geen glutenvrije taartjes zijn. Of als ik op een verjaardag zit en alleen maar tomaatjes en schijfjes komkommer kan eten. Beetje bij beetje vind ik mijn vrijheid terug. Op mijn manier en op mijn tempo. En dat stemt me hoopvol.

Author

4 Comments

  1. Dit lijkt me zó moeilijk, maar ik lees ook zo vreselijk veel dapperheid in dit bericht. Heel mooi om te lezen.

  2. Koosje en Arie Reply

    Hi Myrthe,
    Jammer dat die diagnose niet al veel eerder is gesteld. Maar toch heel mooi om te lezen hoe je er nu mee kunt omgaan.
    We hopen voor je dat je ondanks alle “beperkingen qua voedsel” je leert te genieten van alles wat wel goed is voor je lichaam.
    Lieve groetjes,
    ArKo

    • Myrthe Reply

      Wat lief dat jullie ook hier meelezen. Uiteindelijk is ermee om leren gaan inderdaad de enige weg. Langzaam leer ik te genieten van alle nieuwe producten die ik nooit eerder at. Of experimenteer ik met glutenvrije taartjes bakken. En zo vind ik steeds meer het plezier weer terug. (:

Write A Comment