Onzichtbaar

Van cliënt naar bijna-hulpverlener

Ik heb het voor de grap wel ‘s geroepen: ‘ik ben ondertussen zelf een halve therapeut met al mijn therapie-ervaring’. En daar is geen woord van gelogen. Van menig therapeut heb ik teruggekregen dat ik in groepstherapieën snel geneigd ben om op de stoel van de therapeut te gaan zitten. Toen ik vorig jaar ging nadenken over wat ik met mijn studie wilde gaan doen, heb ik ook serieus nagedacht over de opleiding tot ervaringsdeskundige via Howie the Harp -maar besloten dit niet te doen.

Toen de lock-down in Nederland werd afgekondigd, was ik van de ene op de andere dag mijn dagbesteding kwijt. Ik studeerde immers nog niet, maar werkte mee aan een aantal projecten die allemaal stop werden gezet. Ik merkte al snel dat het thuiszitten me niet goed deed en dus ging ik op zoek naar vrijwilligerswerk. Zodoende kwam ik op mijn huidige werkplek terecht. Sinds een aantal maanden begeleid ik ex-gedetineerden bij hun terugkeer in de maatschappij. Samen zoeken we naar huisvesting, brengen we eventuele schulden in kaart, zoeken we werk, vragen we een uitkering aan en regelen we nog veel meer van dat soort maatschappelijke zaken.

En ineens sta ik aan de andere kant. Toen ik twee jaar geleden, tijdens mijn opname, een uitkering aanvroeg, liep ik tegen de bureaucratische rompslomp in mijn woonplaats aan. Uiteindelijk was het een sociotherapeute die met mij naar de gemeente ging bellen omdat ik er zelf niet meer uitkwam. Nu ben ik ineens degene die voor een cliënt naar de gemeente belt. Nu ben ik degene die rapporteert. Nu ben ik degene die met collega’s overleg heeft over de aanpak en bejegening van een cliënt.

Ik heb me altijd afgevraagd hoe hulpverleners dat doen, therapeut zijn. Zouden ze gesprekken of situaties mee naar huis nemen? Zou het hen ook in hun vrije tijd bezighouden? Zouden ze daadwerkelijk onthouden wat ik vertel of rapporteren ze alles en lezen ze die rapportage vlak voor een gesprek weer door om te weten wie ik ook alweer was?

Eigenlijk vind ik deze ervaring ontzettend waardevol. Het gaat me er niet om dat ik wil kunnen zeggen ‘ik ben therapeut’, want dat ben ik niet. Ik ben gewoon een vrijwilliger die op basis van gezond verstand en ervaring met de sociale kaart en de gemeente in mijn woonplaats, anderen ondersteunt en nieuwe dingen leert. Wat ik zo bijzonder vind, is dat ik nu zelf kan voelen dat een hulpverlener gewoon maar eens mens is. Immers, ik ben degene die de cliënt begeleid, ik verleen de hulp en ondersteuning en dus neem ik even de rol van hulpverlener op me.

Het mooiste voorbeeld hiervan was een gesprek dat ik recent had met een collega. Ik noem haar even Sterre. Sterre begint nu aan haar tweede master (forensische, klinische psychologie) en is al basispsycholoog. We hadden een afspraak met een cliënt, Peter, die we samen begeleiden. Na die afspraak kwamen we terug op kantoor en riep Sterre enthousiast naar onze leidinggevende, ‘Peter is verloofd, echt zo leuk!’ Onze leidinggevende moest lachen. Terwijl Sterre en ik gingen zitten, begon ze opnieuw te praten. ‘Ik vind Peter echt zo’n leuke cliënt. Zou je eigenlijk een lievelingscliënt kunnen hebben?’ ‘Ik hoor vaak van therapeuten dat ze wel een lievelingscliënt hebben’, zei ik tegen haar. ‘Ik ben basispsycholoog, ik vind dat het kan’ en daarop schoten we in de lach. ‘Peter is mijn lievelingscliënt’, zei ze. ‘En de mijne ook’, voegde ik toe.

Wat ik hier zo tof aan vind? Het deed me realiseren dat hulpverleners inderdaad maar gewoon mensen zijn. Mensen met een persoonlijke voorkeur, met eigen gedachten en gevoelens en hun eigen, persoonlijke blik op een situatie. En dat vind ik ontzettend waardevol.

Dit vind je misschien ook leuk...

1 Reactie

  1. Wat een mooie blog en wat een prachtige baan heb je hierin gevonden. Zo mooi hoe je vanuit jouw ervaringen nu anderen kunt helpen.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *