Als ik in Apeldoorn de trein uit stap, pak ik een OV-fiets en vertrek al fietsend naar de afspraak die ik die dag heb. Spannend en wel heb ik een intake voor mijn behandeling bij Scelta. Hoewel mijn lijf vol spanning is, ik roekeloos door het verkeer ga en bij een stoplicht stil sta, werp ik mijn blik ineens op een straatnaambordje. ‘Wapenrustlaan’ staat daar op. Het stoplicht springt op groen en ik rijd verder.

Hoewel mijn lijf vol spanning is, kan ik maar een ding denken. Als kind leerde ik altijd dat je de wapenrusting van God mocht aantrekken. Een heel liedje zongen we er regelmatig van en net zoals zoveel, begreep ik er niet zoveel van, want het was iets wat niet zichtbaar was, maar wat je wel kon doen. Maar op dat moment besloot ik tot God te bidden. Om samen met Hem mijn wapenrusting aan te doen. Hoe spannend en moeilijk het gesprek ook zou worden, Hij zou erbij zijn.

Ik werd aangenomen bij Scelta, stopte voor een onbepaalde tijd omdat ik helemaal overliep en kwam opnieuw thuis te zitten. Dat moment van die wapenrusting was ik vergeten. Tot het moment dat ik verkleumd op de verwarming thuis lag. In tranen, de wereld om me heen anders leek, dan ik ‘m ´s morgens had aangetroffen en mijn hoofd weer zo duister was dat ik er liever niet meer wilde zijn.

Mijn telefoon ging. De bureauwacht belde en al een aantal keer had ik met deze vrouw gebeld. Ik moet zeggen dat ik het moeilijk vind om mensen via de telefoon toe te laten. Vaak krijg je te horen ‘zit de tijd maar uit’, ‘je hebt hier al langer last van, dus wat deed je toen, dan doe je dat nu toch ook’. Maar zij deed het anders. Ze luisterde, vroeg door en liet mijn geratel over de heftigheid in mijn hoofd er zijn.

Toen vroeg ze me – wetende dat ik in God geloof en zij ook – wat Jezus voor mij nu in alles betekende. Een stortvloed aan tranen kwamen naar buiten. Precies net voor zij belde had ik een kaartje gehad van een lieve vriendin gehad die in Engeland woont, die samen met vrouwen regelmatig bidt voor me. Ik krijg heel veel berichtjes van mensen die ik helemaal niet ken, Jezus laat zich zien op momenten waarvan ik het niet verwacht. Steeds weer – en elke keer vol verbazing, snap ik er helemaal niks meer van. We praten erover, delen erover. En waar ik het normaal echt zo vervelend vind om over het geloof te praten in zulke telefoongesprekken, vond ik het nu heel fijn. Alsof God echt even weer dichtbij was.

Zij gaf aan, dat ze moest ophangen en gaf me, Galaten 6 mee, met de woorden dat ik wat vaker de wapenrusting van God aan mag trekken. Zonder dat ik de bovengenoemde situatie had verteld over het straatnaam bordje. Even kreeg ik kippenvel over mijn lijf. Want zodra je die aan hebt, sta je samen met God nóg sterker, dan je al stond. Ik geloof dat jij het net zo moeilijk kan vinden als ik. Maar ik weet wel, dat God het ons door de mooiste en kleinste dingen keer op keer laat weten, dat we dit mogen doen.

3 gedachten over “God in mijn situatie #4”

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *