Tag

behandeling

Browsing

Wijnmeisje, wijnen wijnen wijnen en wijn is fijn! Allemaal dingen die bij mij horen. Als vrienden over mij zouden moeten vertellen dan zeggen ze waarschijnlijk, ‘zij houdt van wijn’. En inderdaad, ik houd van wijn. Maar nu moet het stoppen. Ik zag wijn niet als een probleem maar misschien is dat het toch wel. Want ik ben Ingenborgh en geen wijnmeisje, ik ben Ingenborgh en naast “wijnen wijnen wijnen” drink ik ook een heleboel water, thee en andere dingen en ik ben Ingenborgh en ik vind wijn fijn maar er is nog zoveel anders dat fijn is op deze wereld. Wijn is niet mijn wereld, wijn is maar een onderdeel. Een fijn onderdeel, dat dan weer wel!

Inmiddels ben ik gestart met mijn deeltijdbehandeling. Heel veel informatie over de invulling van de dagen had ik nog niet ontvangen tot vlak voor de start. Ik moest naar een introductiegesprek waar veel duidelijk werd. Er werden tijden genoemd, uitleg gegeven over het ‘buddy’-systeem, over de behandeling en eventuele aanvullende mogelijkheden. Erg fijn allemaal. Ook werd de belangrijke vraag gesteld of ik drugs gebruik. Deze vraag zag ik al aankomen en kon ik met een volmondige ‘NEE’ beantwoorden. Geen behoefte aan ook dus deze info was voor mij verder niet belangrijk. Na de vraag over het gebruik van drugs kwam de vervolgvraag of ik dan misschien alcohol gebruik. En ja, dit wijnmeisje houdt van wijnen, wijnen, wijnen.

Een wijntje bij het diner, een drankje met vriendinnen of lekker met een herfstbockje bij het kampvuur. Ik vind het fijn, ik vind het gezellig en mijn omgeving ook. Het is heel normaal in mijn omgeving om in het weekend lekker samen wat te drinken. Tot nu toe zag ik dit ook als een normaal iets. Kijk maar op tv bij programma’s als GTST, JINEK en noem maar op: er staat vaak een glaasje wijn of een biertje op tafel, gezellig!
Maar de vraag of ik dit gebruik kwam niet voor niets. Na de vraag kwam namelijk een reactie die ik nog niet eerder had gehoord en dus ook niet had zien aankomen. In Traject A (3x6weken) mag je helemaal geen alcohol nuttigen. “WHATTTTT?!?!” dacht ik. Tijdens het gesprek wuifde ik het een beetje weg. Maar als ik thuiskom gaat mijn hoofd er mee aan de haal.

Geen drankjes drinken gedurende 3×6 dus 18 weken? Best heftig vind ik het om heel eerlijk te zijn. Eerst denk ik nog, “hoe willen ze dat controleren dan? Ik denk dat ik het gewoon wel doe.” Maar al snel ga ik verder en dieper nadenken en praat ik erover met mijn man. Het idee van het niet drinken tijdens Traject A heeft te maken met het verdoven van je gevoelens. De therapeute gaf aan dat sommige mensen gevoelig zijn voor drank en snel naar de fles grijpen als het moeilijk wordt. En ik weet dat het geen oplossing is, maar ik weet ook dat ik zo’n persoon ben. Op het moment dat ik een rotdag heb gehad, ben ik snel geneigd een extra wijntje te pakken. Want ja, ‘dan slaap ik beter’ zeg ik dan. Niks van waar natuurlijk, want het is algemeen bekend dat je er zeker niet beter van slaapt. Het is een mooi excuus om dat extra wijntje wel te drinken zonder verdere vragen. Maar dat moet nu dus veranderen.

Misschien alleen op zaterdag drinken? Maarja, wordt zaterdag dan niet snel ook een drankje op een verjaardag op zondag of gezellig een borreltje op vrijdagavond? In een omgeving waarin het zo normaal is om te drinken, ben ik bang dat ik mezelf er dan toch in verlies. Ik wil mezelf voor de volle 100% inzetten voor mijn komende deeltijdbehandeling. Na veel praten, nadenken en de voordelen en nadelen tegen elkaar afwegen ben ik tot de conclusie gekomen dat ik ervoor ga: geen alcohol tijdens het traject. Of in ieder geval, niet in traject A. In traject B kan ik misschien wel weer een wijntje drinken, dan “mag” het van de behandelaren ook weer. Maar dat zien we tegen die tijd wel. Misschien bevalt het me wel enorm om niet te drinken en ga ik ook lichamelijke en geestelijke voordelen eruit halen. Misschien besluit ik dan wel om dit voort te zetten.

In mijn leven is een wijntje drinken zo normaal geworden dat het een hele weg zal zijn om dit niet meer te doen. Het zal op sommige dagen enorm moeilijk zijn. Zeker op zware therapiedagen waarna ik normaal als ik thuiskwam een paar glaasjes zou drinken. Ik moet manieren gaan vinden om deze moeilijke momenten anders in te vullen. Ook zal het moeilijk zijn op visite, feestjes of andere gelegenheden waar alcohol gedronken wordt. En thuis, als mijn man een wijntje pakt of een herfstbockje neemt op een regenachtige herfstdag. Makkelijk wordt het zeker niet en om heel eerlijk te zijn… als ik er nu aan denk, vind ik het al enorm zwaar. Maar ik ga ervoor, ik moet dit kunnen, het is voor een goed doel.

Op naar een betere versie van mezelf, op naar Ingenborgh 2.0!

Het heeft even geduurd. Wat zeg ik? Het heeft heel lang geduurd, maar eindelijk is er dan duidelijkheid. Eindelijk is er zekerheid, want 12 oktober is het dan zover: ik mag starten met mijn deeltijdbehandeling Schematherapie bij De Viersprong. Wat dit met mij doet en hoe ik mezelf hierbij voel, deel ik in deze blog met jullie.

Steeds weer krijg ik dezelfde vraag van mijn huidige psycholoog, mijn ouders, de bedrijfsarts en niet te vergeten van vrienden: wanneer begint je behandeling? Maar ik weet het niet, ik kan er geen antwoord op geven. De indicatie was in november, maar het is nu september en ik heb nog niets mogen vernemen. Ik besluit dan ook om de stoute schoenen aan te trekken en een mail te sturen naar De Viersprong om navraag te doen of er al iets bekend is. Al vrij snel krijg ik antwoord dat mijn mail wordt doorgestuurd naar de wachtlijstcoördinator en dat zij contact met mij zal gaan opnemen.

Een week later heb ik helaas nog niets gehoord, dus pak ik de telefoon en bel ik naar De Viersprong. De wachtlijstcoördinator is zelf niet telefonisch bereikbaar maar de mevrouw die ik aan de telefoon heb, maakt een terugbelnotitie voor mij. Niet veel later gaat mijn telefoon al en ja hoor, het is de wachtlijstcoördinator. Ze is blij dat ik contact heb opgenomen en staat mij vriendelijk te woord. Op dit moment is ze bezig met het bellen van nieuwe patiënten die op de wachtlijst staan voor een behandeling en ik ben momenteel 4e op de wachtlijst. Omdat er 3 patiënten per keer worden toegelaten betekent dit dat ik er voor de komende behandeling net buiten val, maar ze kan me wel in de volgende groep plaatsen. Ik kan dus op 4 januari 2021 starten. Fijn, eindelijk een datum, eindelijk duidelijkheid.

Na opgehangen te hebben, word ik vrij snel opnieuw gebeld. Ik zou zelfs op 23 november al kunnen gaan starten. Mijn instelling is “hoe eerder, hoe beter” dus ik besluit ermee akkoord te gaan. Om eerlijk te zijn vind ik deze datum lastig. Dit omdat het begin van de behandeling zwaar zal gaan worden en met de feestdagen zo kort na het starten van mijn behandeling vind ik dat een beetje eng. Maar ik ga ervoor. Ik moet toch een keer gaan beginnen, dus dan maar het liefst zo snel mogelijk. Ik informeer mijn man, moeder en mail direct mijn psycholoog met het goede nieuws. Ook noteer ik de datum in mijn agenda en kijk ik meteen of ik na die datum nog afspraken heb staan op de maandag, dinsdag of woensdag. Dat zijn de dagen dat ik behandeling zal hebben, dus wil ik daarnaast geen andere afspraken gepland hebben staan. Gelukkig zijn dit er maar weinig en degene die ik had kan ik makkelijk verzetten. Wat fijn!

Ongeveer een uur later gaat opnieuw mijn telefoon.  En ja hoor…. opnieuw De Viersprong. De vrouw geeft aan dat ze ‘een foutje’ heeft gemaakt en mijn hartslag schiet meteen omhoog. Het zal toch niet zo zijn dat ik weer langer moet gaan wachten? Dat de datum weer verschoven wordt? Degene die mijn eerdere blogs hebben gelezen, weten dat er aan het begin van mijn aanmelding ook al een hoop dingen zijn misgegaan waardoor ik pas 2 maanden later op de wachtlijst gezet ben en de wachttijd ook steeds anders bleek te zijn dan dat mij op dat moment geïnformeerd werd. Teleurstelling op teleurstelling dus. Ik ga er dan ook meteen vanuit dat het wel weer slecht nieuws zal zijn. Maar dat blijkt gelukkig niet het geval te zijn. Er is in een groep eerder een plekje vrij dat nog opgevuld moet worden en de vraag is of ik op 12 oktober al zou willen starten. Volmondig zeg ik ja! Alles wordt in werking gezet en er wordt bevestigd dat deze datum de echte startdatum zal zijn.

Zodra ik heb opgehangen informeer ik meteen iedereen opnieuw. De reactie van iedereen is gelukkig positief, maar hoe voel ik me nu eigenlijk? Je zou denken dat ik door het dolle heen ben. Maar zo voelt het niet. Ik voel een raar soort angst opkomen. Want 12 oktober is nog maar 4 weken en dat idee zorgt ervoor dat ik zenuwen krijg. Ik voel me een kind dat morgen voor de eerste keer naar een andere school moet. Ik heb buikpijn en ook begin ik hoofdpijn te krijgen van al het nadenken. Het is eng en tegelijkertijd besef ik maar al te goed dat ik dankbaar mag zijn dat ik eerder kan beginnen. Deze datum is alleen maar beter. Hopelijk ben ik dan met de feestdagen in ieder geval door het zwaarste gedeelte heen en kan ik de feestdagen een beetje beter doorkomen dan vorig jaar.

Het gaat nu pas echt beginnen. Na 2 jaar ‘ziek’ te zijn gaat het nu pas echt starten. Ik ga starten aan de lange weg naar herstel. De behandeling zal naar alle waarschijnlijkheid minimaal 1.5 jaar duren en zal zeer intensief zijn, maar als dat betekent dat ik me straks beter ga voelen, dan heb ik dat er zeker voor over. Let’s do this, ik zal jullie op de hoogte houden van alles wat nog komen gaat !





Het duurt nog een tijdje maar dan is het eindelijk zover. Ik mag gaan starten met mijn behandeling bij De Viersprong. Wachten duurt lang en de gedachten dat ik straks met de behandeling ga starten maakt me ook lichtelijk zenuwachtig. Maar het is voor een goed doel. Een nieuwe ik ! Daar doe ik het voor.

In november 2019 ging hij op de bus ‘mijn doorverwijzing’. Op dat moment ging het erg slecht met mij en de behandelingen die ik tot op dat moment had gehad leken vrijwel niets voor mij te doen. De depressie bleef aanhouden en er was ook niet echt een verbetering te zien. Mijn psycholoog wilde graag een onderzoek laten uitvoeren door De Viersprong. Met dit onderzoek zou ik getest worden op een persoonlijkheidsstoornis. Zelf was ik hier ook enorm nieuwsgierig naar want als het dat zou zijn dan zou mijn ‘gedrag’ eindelijk ergens aan gekoppeld kunnen gaan worden. Ik houd normaal niet van stempels op iemand plakken maar in dit geval leek die stempel me wel erg fijn.

Na 2 dagen vol testen was het wachten geblazen. Wachten op het adviesgesprek. Uiteindelijk vond dit gesprek ongeveer 7 weken later plaats. Omdat ik totaal niet wist wat ik moest verwachten en ik enorm bang was dat zij mij niet zouden kunnen helpen had ik mijn man mee genomen. Het gesprek begon positief ‘ze konden me helpen’ pfoee dat was een opluchting. De stress ging een beetje uit mijn lichaam en de diagnose werd genoemd. Een vermijdende persoonlijkheidsstoornis met dwangmatige trekken. Omdat ik mezelf op dat moment beschadigde kwam daar ook nog de notitie ‘trekken van borderline’ bij maar daar was ik op voorbereid. Mijn gedrag had eindelijk een naam gekregen. In deze stoornis herkende ik mezelf zeker nu kon het herstel eindelijk gaan beginnen.

Na de diagnose was het tijd voor de wachttijd. Ik was van een wachttijd uitgegaan maar omdat mijn psycholoog mij had doorverwezen naar De Viersprong omdat zij de kortste wachtlijst hadden ging ik uit van een aantal weken. Dat deze wachttijd minimaal een half jaar zou zijn had ik niet zien aankomen. De grond zakte onder mijn voeten vandaan. Ik begon te huilen en kwam niet meer uit mijn woorden. Een halfjaar had ik dat goed gehoord? Ja , in de ogen van mijn man zag ik de teleurstelling ook ik had het dus wel goed gehoord. Even opperde ze om me die dag te laten opnemen op de crisis dienst. Omdat ik zo overstuur was in verband met de wachttijd leek het hen niet verstandig om naar huis te gaan. Maar ik gaf aan het te kunnen. Crisisopvang daar wilde ik nu dus echt niet heen. Nee ik wilde naar huis mijn bed in en daar een potje gaan huilen.

Dat deed ik dus ook. De dagen erna was ik weer terug een hoopje ellende. Huilend in mijn bed in een donkere kamer. Want wat had het allemaal nog voor zin. Ging ik het zo lang vol houden? Ging het me lukken om mezelf niets aan te doen tot die tijd? Ik wist het niet , de tijd zal het leren. Inmiddels zijn we maanden en een indicatie gesprek verder. Ook hier werden weer dingen gezegd die mij totaal uit mijn doen brachten. Bij het adviesgesprek werd er aangegeven dat ik op de wachtlijst geplaatst zou worden dat was echter niet het geval. Pas nu bij het indicatie gesprek werd ik op de lijst geplaatst. Dit betekende dus ook dat de wachttijd ook pas nu in ging. In november mag ik waarschijnlijk komen. Al is dat ook niet zeker.

Inmiddels is het al Mei als ik deze blog schrijf. Ik wacht nog steeds en momenteel heb ik enkel therapie om de tijd te vullen tot ik mijn behandeling bij De Viersprong kan gaan starten. Deze week ontving ik een mail om te starten met een voortraject. Dit zijn een aantal besprekingen waarin alvast uitgelegd wordt wat de behandeling inhoudt. Spannend maar ik besef ook ontzettend goed dat het hierna nog een hele tijd gaat duren voor ik ‘echt’ mag gaan starten met de behandeling.

Wachten dus…. Dat is het enige wat ik nu kan doen. Wachten en zorgen dat ik sterk blijf. Sterker dan de zwarte wolken in mijn hoofd. Deze behandeling moet me gaan helpen. Zo niet ? Tja dan weet ik het ook niet meer.

Wanneer je in behandeling bent, stel je vaak vooraf met je behandelaar doelen op waaraan je kunt gaan werken tijdens je behandeling. Doelen waaraan je kunt meten hoe jij ervoor staat. Die doelen zijn belangrijk om te hebben omdat je niet zomaar in het wilde weg kunt gaan werken. Je gaat immers niet voor niets in behandeling.

Tijdens veel van mijn behandelingen stelde ik dan ook samen met mijn behandelaren doelen op. Vaak merkte ik naarmate we met die doelen bezig waren, dat de doelen veel te groot en voor te ver weg geformuleerd waren. In de tijd dat ik bij Scelta opgenomen was, besloot ik dan ook samen met een groepsgenoot mijn doelen kleiner en haalbaarder te formuleren. Ik lag zo ongeveer elke avond gespannen in bed omdat ik niet wist hoe ik die grote doelen zou moeten halen, wanneer ik wist dat ik de doelen gehaald had en eigenlijk groot gezegd, voelde het alsof ik in het wilde weg aan het werk was. Het voelde niet meetbaar.

Het is een terugkerend aspect merk ik. Doelen die je moet formuleren om te kunnen behandelen. Zo ben ik nu alweer een tijdje in behandeling en merk ik opnieuw dat de doelen die we gesteld hebben, me te ver weg liggen. Toen ik ze opstelde, zag ik het voor me. Ik voelde er wat voor en ik merkte er rust bij te hebben hoe we het hadden opgesteld. Maar als ik kijk naar hoe ik er nu bij zit, geeft alles me angst. De doelen voelen nu niet meetbaar, lijken eindeloos ver weg en ik heb geen idee hoe ik ze ga halen.

Ik dropte dit bij mijn behandelaren. De paniek, het niet voelen van de doelen en de chaos die ik erbij voelde. Ik maakte bespreekbaar. Want het gaat immers om mijn behandeling. Ik ben heel blij dat ik dat gedaan heb, want we gaan met elkaar kijken, hoe we het haalbaarder kunnen maken. Dan maar doelen per week. Niet in het verre weg. Als dat is wat nú nodig is, dan is dat zo.

Doe wat goed voelt, het is jouw behandeling en jij staat daarin centraal.

Vandaag was het dan eindelijk zover. De behandeling van de afgelopen tijd heeft mij in een dieper dal gebracht dan ik ooit ben geweest. Het is tijd voor iets nieuws. Een nieuwe diagnose, een nieuwe behandeling maar dat betekend ook een nieuwe wachtlijst. En wachten dat is precies waar ik nu niet zo goed in ben.

Daar gaan we dan. Mijn man heeft de middag vrij genomen om met mij mee te gaan naar het adviesgesprek. Eerst wilde ik alleen gaan maar ik weet dat als ik gespannen ben niet altijd alles goed bij me binnen komt. Het is dus fijn dat hij mee gaat. De weg naar De Viersprong lijkt oneindig en dat terwijl het eigenlijk maar een half uurtje rijden is. We zijn goed op tijd dat vindt ik fijn. Ik heb de laatste dagen zo op mijn man zitten hameren dat we op tijd moesten zijn. Maar dat is gelukt.

Na ongeveer 10 minuten in de wachtkamer te hebben gezeten worden we opgehaald. We gaan naar een kantoortje waar nog een andere vrouw zit die ik nog niet heb gezien. Zij blijkt de supervisor te zijn en is eind verantwoordelijk voor het behandel advies. Ik voel me gespannen , weet niet waar ik moet kijken en mijn schouders zitten zo gespannen dat ze pijn doen. ‘ Je bent gespannen he’ wordt er gezegd en dat moet ik beamen. Ze vragen me waarom ik zo gespannen ben. De gespannenheid komt voort uit angst. Angst dat zij mij ook niet kunnen helpen, angst dat zij niet voldoende voor mij kunnen doen. Maar ze kunnen mij helpen zegt ze meteen. Wat een opluchting, een fijn begin van het gesprek.

Er wordt kort stilgestaan bij de testen die ik in december heb moeten doen. Mijn man wordt op de hoogte gebracht van heel het traject en daarna is het tijd voor de diagnose. De diagnose was voor mij niet zo schrikwekkend. Dat ik een persoonlijkheidsstoornis had was eigenlijk al duidelijk het was alleen nog belangrijk te weten welke dan. Uit de test kwam de ‘ Vermijdende/ontwijkende persoonlijkheidsstoornis naar voren. Daarnaast krijg ik omdat ik mezelf pijn doe ook de diagnose ‘kenmerken van borderline’. Ook hier was ik op voorbereid. Mijn psycholoog had me al geïnformeerd dat dit gezegd zou worden puur omdat ik mezelf pijn doe. De vrouw van De Viersprong beaamt dit. Een vermijdende/ontwijkende persoonlijkheidsstoornis dus. Ze begint uit te leggen wat dit precies inhoud. Bij elke zin die ze uitspreekt zie ik mijn man een knikje geven en ik moet zeggen dat ik mezelf hier ook erg in herken. Ondanks dat ik eigenlijk geen ‘stempel’ wilde krijgen valt hierdoor voor mij wel veel op zijn plaats.  Er is zo vaak gezegd dat ik dingen gewoon maar anders moest doen of gewoon maar normaal moest doen dat ik zo ben gaan twijfelen aan mezelf. Maar nu heeft het een naam. Nu blijkt dat het niet zomaar gedrag is wat ik gewoon even moet veranderen. Daar is tijd voor nodig en behandeling en die kunnen ze me gaan bieden.

Het is inmiddels tijd geworden voor het behandeladvies. Er waren eigenlijk 2 opties die het beste bij mij zouden passen. Een interne behandeling (3 maanden) of een deeltijd behandeling van 3 dagen in de week.  Ik heb met allebei de opties rekening gehouden. Ik heb er veel over nagedacht. De interne behandeling zou het beste zijn. Even weg uit mijn vaste patronen en volledig gaan voor herstel. Hierbij zou ik ook het snelste resultaat gaan zien. Maar een min punt is mijn ontzettende heimwee. Hoe ga ik dat doen ? 2×6 weken van huis als ik eraan denk krijg ik de kriebels al. Maar goed de keuze is niet aan mij. Ik ben het meeste bang dat zij mij maar een uurtje therapie per week kunnen gaan bieden. Ik wil zo graag stappen maken maar met zo weinig tijd ben ik bang dat ik niet echt voorruit ga komen. Het advies wordt genoemd; deeltijd behandeling (3 dagen) met schematherapie, individuele therapie, non verbale therapie en groepstherapie. Wat een fijn advies, mijn schouders kunnen weer iets naar beneden. Deeltijd is misschien wel de beste optie. Op die manier houd ik zelf de regie en kan ik gewoon in mijn eigen bed slapen. Het zullen lange intensieve dagen worden maar ik ben bereid er voor de volle 100% tegen aan te gaan. Ze zegt dat er een wachtlijst is en hier was ik al vanuit gegaan. Er zijn tegenwoordig weinig behandelingen waarbij je direct terecht kan en dat je suïcidaal bent maakt voor de wachttijd vaak ook weinig uit. Qua wachttijd waren wij ongeveer uitgegaan van 8 tot 12 weken. Bleek dat even anders te zijn. De geschatte wachttijd voor behandeling is 24 tot 36 weken. Ik voel de grond onder me weg zakken. De tranen rollen over mijn gezicht en ik weet niet meer wat ik zeggen moet. Valt dit me even zwaar. Dat is gewoon dik een half jaar wachten , hoe ga ik die tijd doorkomen? Lukt het mij om sterk te blijven? Hoeveel littekens zullen er in die periode nog bij gaan komen?

De supervisor praat verder maar ik hoor niet meer wat ze zegt. ‘Kom ik nog wel binnen’ vraagt ze dan. Maar nee om eerlijk te zijn komt ze niet meer binnen. Waar de hoop een beetje gestegen was door het behandeladvies is de hoop nu totaal weg.  Ze begint over het reserveren van een bed voor vanavond op de Crisis. Maar nee dat wil ik niet. Ik wil zelf de regie houden. We besluiten dat ik naar huis mag gaan maar dat de huisartsenpost wel wordt ingelicht zodat mijn maan niet alles hoeft uit te leggen als hij belt. We gaan naar huis, eindelijk.

In de auto weet ik niet wat ik moet zeggen. De tranen komen opnieuw op en ik voel me echt ten einde raad. Steeds maar weer spookt er in mijn hoofd hoe ik dit moet gaan doen. Een half jaar lang. Ik weet het even allemaal niet meer. Op de radio hoor wordt verteld over Charlotte die bij het ministerie zit en al 804 dagen op een wachtlijst sta. Wat stel ik me dan aan? Maar jeetje wat vindt ik het ondragelijk om dit nu te horen.  Ik wil de auto uit dus vraag ik of we kunnen stoppen bij het pompstation. Ik loop naar binnen om even wat te drinken te pakken. Maar eigenlijk wil ik gewoon even buiten zijn. Even niet luisteren naar berichten over wachttijden ,over suïcide pogingen en over het GGZ.  Ik wil naar huis….onder mijn dekentje en er de rest van de week niet meer onder uit komen. Maar dat helpt me niet. Dus ik zet mijn masker weer op en tover een lach op mijn gezicht. Ik moet door!




We deden een oproepje aan jou, als lezer om een gastblog te kunnen schrijven. Freedom heeft al eerder geschreven voor ons en zal vaker een gastblog voor ons schrijven.

Op een stormachtige dag kom ik thuis na een avond gewerkt te hebben. Ik probeer mijn rustmomentje te pakken zoals ik eerder die week afgesproken heb met mijn nieuwe behandelaar die ik sinds begin dit jaar heb. Om na overprikkelling tot rust te komen luister ik regelmatig muziek. In mijn muziek lijst komt het nummer vlinder van marco borsato voorbij. Tijdens het luisteren van dat nummer stromen er tranen over mijn wangen, de woorden raken en komen binnen in mijn hart. Ik laat de tranen toe en beslis voor mezelf dat de tranen en emoties die ik voel er mogen zijn nu. Ik mag het donkere en kwetsbare in mezelf voelen en daar uitting aan geven.

Het ontwikkelproces van een vlinder raakt me. Van teer, breekbaar en klein, uitgroeien naar een krachtige vlinder. Als ik momenteel kijk naar mijn eigen proces dan voelt het voor mij of ik een vlinder ben met gebroken of beschadigde vleugels die niet genoeg de ruimte hebben gehad om zich op eigen tempo en met eigen regie te ontwikkellen naar een prachtige vlinder.

Mijn reis als rups start in 2013. Het moment waarbij ik voor mezelf besloot dat ik dit proces niet meer alleen kon en wilde dragen en daarbij echt hulp nodig had van iemand die daadwerkelijk naast me durfde te gaan staan en me wilde begeleiden in het proces naar een krachtige vlinder.

Als een tere breekbare rups kom ik in 2013 binnen bij mijn behandelaar, een rups die het liefst wegkruipt in een hoekje en vooral niet gezien en gehoord wilde worden. Het tere en breekbare van de rups levert een mooi leerproces op,maar op het moment dat ik start in 2013 weet ik nog niet dat dit leerproces mij heel veel leert over mezelf als persoon en hoe ik in het leven sta. Hoe ik naar anderen kijk, hoe anderen naar mij kijken. De jaren verstrijken en steeds kom ik een stapje verder in mijn proces. Mijn proces gaat door pittige diepe dalen, maar steeds overwin ik mezelf en kom ik weer een stapje verder.

2019 breekt aan en inmiddels heb ik mij na een behandeling van ruim 6 jaar van rups ontpopt naar een cocon waarin ik veilig afwacht op het moment waarbij het voor mij krachtig genoeg voelt om mijn cocon te openen en uit te vliegen als een prachtige vlinder. Mijn proces in mijn veilige cocon wordt ruw verstoord als mijn behandelaar in de zomer besluit me niet meer te willen behandelen en me doorverwijst

Mijn veilige cocon word opengebroken en met gebroken en beschadigde vleugels verlaat ik mijn cocon.

De periode die erop volgt is een enorm onzekere periode waarin ik weer een behandelaar tref die niet met mij verder wil omdat de situatie te complex is en ik niet op dezelfde manier ben geheeld in mijn proces als die behandelaar.

Mijn vleugels worden hard gebroken en met het laatste stukje kracht wat ik nog in mijn vleugels ervaar vecht ik voor een goede behandeling.

In januari 2020 krijg ik een nieuwe behandelaar. Samen met mijn nieuwe behandelaar begin ik een nieuw avontuur waarbij ik weer de kracht probeer te vinden om uit te kunnen vliegen als krachtige vlinder. In het stukje proces waarin ik nu zit leer ik dat je niet in 1 keer een vlinder hoeft te zijn en dat ik in eigen tempo en met kleinere stapjes toe mag werken naar groei in mijn proces.

Ook leer ik dat het proces van iedere vlinder niet op dezelfde manier gaat en het daarin juist krachtig is om je eigen talenten durven in te zetten  en  je eigen wegen durven te bewandelen in plaats van te voldoen aan wat anderen van je verwachten.

En ook al voelt alles voor mij nu kwetsbaar,donker en leeg van binnen, ik hoop over een tijdje weer die stralende vlinder te zijn.

Lijkt het jou tof om ook een gastblog te schrijven? Je kunt mailen naar blog@maarjezieternietsvan.nl of via Instagram een berichtje sturen.

Het is een strijd tussen de GGZ en mij. Een strijd die ik eigenlijk helemaal niet wilt leveren, maar moet leveren. Een strijd die me ten onder laat gaan. En nu, ik sta opnieuw met mijn rug tegen de muur. Leeg, mijn hoofd is leeg van ideeën en vol van alle horrorgedachten die ik iedere dag meesleep. Mag ik uit, mijn hoofd? Mag mijn hoofd uit? Nu. Gewoon echt per direct nu?

Denkbeeldig stapte ik aan het begin van de reis in een trein. Het zou een lange rit worden, maar dat alles wat ik meemaakte, was ook niet niks, dus die treinreis moest ook wel komen. Tijdens mijn treinreis zocht ik naar traumatherapie. Zo nu en dan stapte ik uit bij een halte om te kijken of de GGZ die ik benaderd had, goed was. Maar veelal stapte ik netjes terug de trein in. Alleen, zonder behandelaren. Want die hielpen me niet. Toen ik bij de halte in Leeuwarden kwam, stapte ik uit. Het voelde goed. Ik volgde therapie, drie maanden lang intern. Het was niet makkelijk. Zo vocht, viel en stond ik weer op. Zo zwaar als het was, zo blij was ik dat het klaar was en ik de trein verder kon nemen. Terug met de trein naar huis, dacht ik.

Maar toen ik eenmaal in de trein naar huis zat, vertelde het thuisfront – de GGZ waar ik in behandeling was, dat ik uitbehandeld was. Ik deed niets, kon niets en was tot niets toe in staat. En zo pats boem, stond ik daar in een lege coupé. Alleen, verbijsterd vol met tranen. Een jaar lang reed mijn trein rond. Zo nu en dan vroeg ik de trein heel even te stoppen, in de hoop dat ik een nieuwe halte gevonden had. Maar niks bleek minder waar.

Terwijl de trein maar bleef rijden, bleef ik niet stilzitten. Ik moest en zou verder komen. Uitbehandeld zijn, daar stond ik niet achter. Na een zoektocht, gesprekken en heel veel tranen later, stopte mijn trein bij Scelta. Een plek waar ik voor nu even terug de trein in gestapt ben. Mijn lijf was er niet aan toe, dit aan te gaan. En zo stond ik terug met de trein bij mijn beginhalte. De GGZ die vond dat ik uitbehandeld was, niets kon, niets deed en vooral nergens voor ging. Laat ik voorop stellen – in de brief die ik kreeg van Scelta staat heel mooi voorwoord dat ik er voor ging. Dat gaf Leeuwarden me ook terug. Ik geloof gewoon dat twee werelden soms heel erg naast elkaar kunnen lopen.

Goed, mijn trein is dus gestopt bij de halte, daar waar hij ooit begon. Ik ben uitgestapt. Uitgestapt omdat ik me leeg voel. Moegestreden, op. De GGZ waar ik terug naar toe zou gaan, gaat mij niet verder helpen en dat is vandaag opnieuw meer dan duidelijk geworden. Ik sta met mijn rug tegen de  muur. Ik ga op zoek naar een andere trein die mij wel verder wil brengen, met een omweg terug naar Scelta. Want dat is hoe het is. Een behandeling vinden om ruimte te maken in mijn hoofd. Om mijn lijf weer lucht te geven zodat ik Scelta af kan maken. Maar de trein waar in ik in zat, die laat ik achter.

Die nieuwe trein komt wel. Dat weet ik zeker. Ik vind het ontzettend moeilijk om mezelf hier heel erg in vol te laten houden. Maar het moet – want ik heb gezegd alles een kans te geven. Op naar iets nieuws, hoe lang ik ook zoeken moet en hoeveel tranen me daarbij ook gaan stromen. Dat is okay. Er rijden meerdere treinen door de wereld heen. Dus kansen genoeg – toch!?

Versteend en compleet buiten mezelf, zit ik in een gesprek met een therapeut die ik helemaal niet ken. Haar woorden hebben me zo geraakt omdat ik de regie wilde houden en zij aangaf dat ik daarmee nooit bij mijn gevoel kan komen. Ik raakte in paniek, had nog niet eens een keuze gemaakt om bij die organisatie therapie te gaan volgen en mijn hoofd maakte nu al overuren. 

Regie is voor mij een van de belangrijkste dingen. Daar waar ik vroeger over me heen liet walsen, weet ik nu dat me dat alleen maar verder af laat zakken. 
Toen ik in behandeling ging bij de ggz zo’n drie jaar terug, was dat ook voor mij een prioriteit. Het zou immers mijn behandeling zijn en ik moest het aangaan. Maar hoe langer ik daar was, hoe meer ik mij slecht ging voelen en hoe meer er achter mijn rug over mij gepraat werd. De neuzen stonden nooit dezelfde kant op en wanneer ik aangaf dat dat me helemaal niet zou helpen, werd ik voor gek verklaard of stelde ik me aan en was het omdat mijn hoofd altijd duister was. 
Er is zoveel strijd geweest. Ik heb de meeste therapievormen buiten die organisatie gezocht – alleen – om mijn eigen regie vast te houden. Er werden de meest gekke dingen gezegd die ik maar moest doen en waar ik nooit achter kon staan. Tot het moment kwam dat ik uit behandeld was. Het deed pijn, haalde me onderuit en liet me even ervaren dat ik een gigantisch mislukt persoon was. 
Totdat ik opnieuw besefte dat dit een situatie was waarin therapeuten over me heen walsten en niet met me gepraat hadden maar over me. Ik ging om tafel. Wilde de strijd aangaan voor mezelf. Op dat moment kreeg ik niks voor elkaar en was ik verdoemd met het uitbehandeld zijn. 
Maar ik liet het er niet bij zitten. Pakte mijn eigen regie opnieuw in handen en heb gestreden tot ik een second opinion kreeg. 
En toen ik eenmaal de gesprekken aan ging om te kijken of er voor mij nog behandeling mogelijk was, kreeg ik eindelijk dat te horen. Nu ben ik al een aantal maanden bezig met oriënteren binnen de organisatie, in mijn lijf aan het voelen of dingen goed zijn en vooral aan het zoeken naar het maken van mijn eigen keuze.

Want om mij heen zijn er heel veel mensen die het beste willen en vanuit hun kant denken wat het beste past. Maar ik moet de behandeling doen, ik moet negen maanden lang er tussenuit stappen en voor therapie gaan. Die keuze vind ik bijzonder moeilijk. Maar ik weet wel dat deze organisatie mij vrij laat in mijn regie. En dat is waar ik al heel blij mee ben. Ik heb mezelf de tijd gegeven om te denken en keuzes te maken. 
En zoals ik aangaf in het begin van de blog, werd er gedacht dat regie bij mij ervoor zorgt dat ik niet bij mijn gevoel kom. Dat voelt voor mij niet zo, want wanneer het me juist afgepakt wordt, blokkeer ik van binnen en lukt niets meer. 
Voor mij is regie binnen een behandeling die ik doe, heel belangrijk. Dat er dingen over of voor mij beslist worden, vind ik niet fijn. Hoe kijk jij naar regie? En wat betekent regie in jouw leven?