Tag

deeltijd

Browsing

Wanneer ik deze blog schrijf is het nog een paar dagen tot het nieuwe jaar gaat beginnen. Een nieuw jaar vol met nieuwe kansen en mogelijkheden. Maar wat er dit jaar precies te wachten staat weet natuurlijk niemand nog. Blijven we in het ‘nieuwe normaal’ of wordt alles weer zoals het eerst was. Ga ik grote stappen maken in mijn proces of val ik als een baksteen naar beneden. We weten het niet, het enige wat we kunnen doen is afwachten en hopen dat onze dromen uit mogen komen.

2020 was een vreemd jaar waarin Corona de overhand had. We hadden veel beperkingen en moesten ons leven een stuk eenzamer leven dan dat we misschien gewend waren. Persoonlijk veranderde er voor mij niet zoveel met het jaar ervoor. Omdat het met mij psychisch al niet zo goed ging waren mijn dagen al redelijk geïsoleerd en had ik daarom ook niet zoveel moeite met de maatregelen. Het gaf mij juist op de een of andere manier een stukje rust. Omdat ik nu niet de enige was die dingen niet deed. We mochten het nu allemaal niet en daardoor hoefde ik dus automatisch ook minder vaak ‘nee’ te zeggen op uitjes en andere verplichtingen.

Terugkijkend op het jaar is er toch veel gebeurd. In februari kreeg ik een epileptische aanval waardoor ik in de medische molen belanden en vaak bezoekjes bracht aan het ziekenhuis. Gelukkig is er niets uitgekomen en lijkt het erop dat het om een eenmalig iets ging. Door mijn aanval was ik een half jaar lang aan huis gekluisterd omdat ik geen auto mocht rijden. Voor mij best lastig omdat dit nog een klein stukje vrijheid was die ik nog had. Het werd nog lastiger toen ik in juni de mogelijkheid kreeg om een andere auto te kopen. Ik dacht al een tijdje na over een andere auto maar tot nu toe had ik nog niet echt serieus rond gekeken. Maar toen we bij een vriend langs gingen en hij een mooie licht blauwe Opel Corsa had staan voor de verkoop was ik verkocht. Ik zette mijn eigen auto met pijn in mijn hart te koop en besloot de nieuwe aan te schaffen. Nu moet je weten dat ik gek was op mijn eigen mooie auto maar deze was niet praktisch. Het was een prachtige Opel Tigra Twintop waar ik helemaal verliefd op was. Maar een cabrio is met het oog op de toekomst gewoon niet zo handig. De Opel Corsa was een 5-deurs en ook prachtig dus win-win.
Opel Tigra Twintop eruit -à Opel Corsa erin.

Ondanks Corona besloten we dit jaar voor en na de lockdown vaker uit eten te gaan. Voor mij als oefening om weer een beetje meer onder de mensen te komen en ook zodat ik steeds iets had om naar uit te kijken. Elke maand kozen we een restaurant waar we nog nooit waren geweest en gingen we lekker een hapje eten. Erg fijn vond ik dit en ik hoop dat als straks de restaurants weer open mogen we dit er in kunnen gaan houden. We houden beide van lekker eten dus uit eten gaan is voor ons echt een fijn uitje. In het nieuwe jaar hopen we ook weer vaker met onze camper op pad te kunnen gaan zodat we restaurants in heel Nederland kunnen gaan testen.

2020 was ook het jaar waarin ik eindelijk met mijn deeltijdbehandeling mocht gaan beginnen. In oktober begon ik met mijn deeltijdbehandeling schematherapie bij de Viersprong in Halsteren. Ik denk dat ik deze behandeling toch wel kan bestempelen als het zwaarste wat ik in mijn leven heb gedaan. Vooral mijn eerste 5 weken vond ik enorm heftig. Ik wist niet wat ik kon verwachten en voelde mezelf gedurende deze weken steeds verder terugzakken in mijn depressie. Gelukkig is het daarna weer bergopwaarts gegaan en ondanks dat ik er nog lang niet ben maak ik nu wel stapjes.
Ik leer steeds meer positieve maar ook negatieve kanten van mezelf kennen en dat is fijn maar ook lastig. Ik heb nog een hele weg te gaan maar ik kom er wel. Dat voel ik !

2021 wordt een jaar vol nieuwe kansen, nieuwe mogelijkheden. Ik wens jullie allemaal een fijn en gezond nieuwjaar toe!

Steeds weer de woorden: ‘je bent sterk, je kunt dit.’ Super lief bedoeld natuurlijk en zo fijn dat iedereen zoveel vertrouwen heeft in dat ik dit kan. Maar waarom voel ik dit dan niet zo? Wat als blijkt dat ik niet zo sterk ben en het gewoon echt niet kan? Ja, wat dan? Heb ik dan nog meer gefaald dan dat ik al heb? Of praten we het dan ook gewoon goed en maken we er dan weer iets positiefs van, zoals ‘maar je hebt het in ieder geval geprobeerd’.  Zoveel vertrouwen in mij, maar misschien stel ik iedereen uiteindelijk wel enorm teleur, omdat ik het gewoon NIET kan.

‘Je kunt het’, ‘topper’, ‘je bent sterk’. Steeds weer hoor ik het om me heen als ik vertel over mijn deeltijdbehandeling. Iedereen bedoelt het goed, maar op dit moment voelt het totaal niet alsof ik het kan. Ik ben ondertussen drie weken bezig met mijn behandeling en jeetje, wat vind ik het ontzettend zwaar. Elke dag twijfel ik of ik mezelf af zal melden, elke dag kom ik thuis met het gevoel dat ik dit niet meer wil. Het is zwaarder dan ik me had voorgesteld. In hoeverre ik mezelf er überhaupt iets van heb kunnen voorstellen natuurlijk. Want wat moet je er jezelf van voorstellen als je zoiets nog nooit hebt gedaan?

Deze week had ik mijn eerste persoonlijke gesprek met een sociotherapeut. Tot nu toe was alles in groepsverband geweest, dus het was even fijn om één op één te kunnen praten. De eerste vraag die ik kreeg was, ‘en, hoe gaat het nu?’ De tranen rolden meteen over mijn gezicht. Ik vind het zwaar, maar tegelijk vind ik dat ik mezelf niet moet aanstellen, want ik wist dat het zwaar zou worden. De therapeut zegt dat het ook zwaar is en dat de afgelopen weken ook wel enorm heftig waren, zelfs voor haar. Er zijn veel heftige onderwerpen aan bod gekomen en door corona is de aanpak ook veranderd. Het is volgens haar logisch dat ik het moeilijk heb, want het is ook zwaar. Maar toch komt dit niet echt binnen want, “ik ben toch sterk?” Tenminste, dat zegt iedereen, dus wat zit ik hier nou te janken.

Tijdens therapie zit ik in mijn hoofd in een continue strijd tussen mee moeten doen en er volledig voor gaan enerzijds en mijn mond houden zodat ik mezelf niet voor schut zet anderzijds. Steeds als ik iets zeg, komen de gedachten in mij op of ik het wel goed heb verwoord en of ik hiermee niemand heb gekwetst. Elke keer probeer ik tegen mezelf te zeggen dat dit juist de reden is dat ik hier zit. Omdat ik altijd van alles vermijd, omdat ik bang ben voor wat een ander ergens van vindt. Het is dus goed dat ik praat, maar waarom voelt het dan niet zo? Waarom voelt het allemaal zo zwaar en moeilijk? Elk blok, elke therapie komen er dingen naar voren die ik doodeng vind. Tijdens beeldend vind ik het moeilijk om mezelf te uiten en vind ik het ook doodeng dat ik zelf in het lokaal op zoek moet naar de spullen die ik nodig heb. Want misschien loop ik wel raar? Misschien kan ik het niet vinden? Allemaal gedachten die het er niet makkelijker op maken.

De sociotherapeut gaf aan dat het goed is dat ik nu enorm struggle, want dat betekent dat ik tegen mijn valkuilen aanloop. Als ze dit zegt, geloof ik het meteen. Maar ik had niet verwacht dat het vanaf dag één al zo enorm zwaar zou zijn. Dat het drie weken later nog niet beter is, vind ik ook enorm eng. Als ik naar de anderen in onze groep kijk… Zij kunnen zich al veel beter verwoorden dan ik, dat valt me meteen op. Zij zijn al veel verder in hun inzichten, maar ook zij ‘breken’ nog continue en geven aan dat elke dag weer een enorm gevecht is. Ik leg mijn zorgen daarover bij de sociotherapeut neer en zij geeft aan dat het inderdaad de komende weken nog niet echt beter zal worden. Fijn, bedankt voor de eerlijkheid….NOT! Het liefste zou ik horen dat het vanaf volgende week beter zal gaan. Maar ze geeft aan dat we in traject A, de eerste 18 weken, vooral ‘afgebroken’  worden en pas in traject B zullen gaan opbouwen. Het vooruitzicht dat de komende 15 weken enkel nog zwaarder zullen worden, maakt me angstig.

Ik wil niet meer terug naar vorig jaar. Ik wil niet weer naar dat enorme zwarte gat waar ik toen in zat. Het gevoel dat ik net weer begon op te klimmen verandert in het gevoel dat ik mezelf voel terug glijden in dat gat. Elke dag vecht ik om niet terug te vallen maar kan ik dat alleen? De komende twee weken gaan we aankijken of ik er op eigen kracht weer uit kom en anders gaan we opnieuw sleutelen aan mijn medicatie. Ik moet blijven praten en vooral mijn gevoel uiten in de groep. Maar dit vind ik zo moeilijk. Want zij zitten hier al veel langer en zitten er al veel verder in en dan ga ik als ‘nieuweling’ lopen zeuren over hoe lastig ik het allemaal heb? Is dat niet een beetje de omgekeerde wereld? Zo voelt het voor mij in ieder geval.

Ik vond dat ik deze blog moest schrijven. Niet om medelijden te krijgen, niet omdat ik mezelf er nu zo goed bij zal gaan voelen (nee, nu voel ik me nog meer een mislukking). Maar vooral voor degene die ook zijn begonnen met therapie of degene die al langer bezig zijn maar het ook enorm moeilijk hebben. Want je bent niet alleen!  Praat erover, wees eerlijk en deel het. Alleen zo kunnen we elkaar helpen.

Misschien ben ik niet sterk en misschien kan ik dit wel helemaal niet, maar dan heb ik het in ieder geval geprobeerd !

Wijnmeisje, wijnen wijnen wijnen en wijn is fijn! Allemaal dingen die bij mij horen. Als vrienden over mij zouden moeten vertellen dan zeggen ze waarschijnlijk, ‘zij houdt van wijn’. En inderdaad, ik houd van wijn. Maar nu moet het stoppen. Ik zag wijn niet als een probleem maar misschien is dat het toch wel. Want ik ben Ingenborgh en geen wijnmeisje, ik ben Ingenborgh en naast “wijnen wijnen wijnen” drink ik ook een heleboel water, thee en andere dingen en ik ben Ingenborgh en ik vind wijn fijn maar er is nog zoveel anders dat fijn is op deze wereld. Wijn is niet mijn wereld, wijn is maar een onderdeel. Een fijn onderdeel, dat dan weer wel!

Inmiddels ben ik gestart met mijn deeltijdbehandeling. Heel veel informatie over de invulling van de dagen had ik nog niet ontvangen tot vlak voor de start. Ik moest naar een introductiegesprek waar veel duidelijk werd. Er werden tijden genoemd, uitleg gegeven over het ‘buddy’-systeem, over de behandeling en eventuele aanvullende mogelijkheden. Erg fijn allemaal. Ook werd de belangrijke vraag gesteld of ik drugs gebruik. Deze vraag zag ik al aankomen en kon ik met een volmondige ‘NEE’ beantwoorden. Geen behoefte aan ook dus deze info was voor mij verder niet belangrijk. Na de vraag over het gebruik van drugs kwam de vervolgvraag of ik dan misschien alcohol gebruik. En ja, dit wijnmeisje houdt van wijnen, wijnen, wijnen.

Een wijntje bij het diner, een drankje met vriendinnen of lekker met een herfstbockje bij het kampvuur. Ik vind het fijn, ik vind het gezellig en mijn omgeving ook. Het is heel normaal in mijn omgeving om in het weekend lekker samen wat te drinken. Tot nu toe zag ik dit ook als een normaal iets. Kijk maar op tv bij programma’s als GTST, JINEK en noem maar op: er staat vaak een glaasje wijn of een biertje op tafel, gezellig!
Maar de vraag of ik dit gebruik kwam niet voor niets. Na de vraag kwam namelijk een reactie die ik nog niet eerder had gehoord en dus ook niet had zien aankomen. In Traject A (3x6weken) mag je helemaal geen alcohol nuttigen. “WHATTTTT?!?!” dacht ik. Tijdens het gesprek wuifde ik het een beetje weg. Maar als ik thuiskom gaat mijn hoofd er mee aan de haal.

Geen drankjes drinken gedurende 3×6 dus 18 weken? Best heftig vind ik het om heel eerlijk te zijn. Eerst denk ik nog, “hoe willen ze dat controleren dan? Ik denk dat ik het gewoon wel doe.” Maar al snel ga ik verder en dieper nadenken en praat ik erover met mijn man. Het idee van het niet drinken tijdens Traject A heeft te maken met het verdoven van je gevoelens. De therapeute gaf aan dat sommige mensen gevoelig zijn voor drank en snel naar de fles grijpen als het moeilijk wordt. En ik weet dat het geen oplossing is, maar ik weet ook dat ik zo’n persoon ben. Op het moment dat ik een rotdag heb gehad, ben ik snel geneigd een extra wijntje te pakken. Want ja, ‘dan slaap ik beter’ zeg ik dan. Niks van waar natuurlijk, want het is algemeen bekend dat je er zeker niet beter van slaapt. Het is een mooi excuus om dat extra wijntje wel te drinken zonder verdere vragen. Maar dat moet nu dus veranderen.

Misschien alleen op zaterdag drinken? Maarja, wordt zaterdag dan niet snel ook een drankje op een verjaardag op zondag of gezellig een borreltje op vrijdagavond? In een omgeving waarin het zo normaal is om te drinken, ben ik bang dat ik mezelf er dan toch in verlies. Ik wil mezelf voor de volle 100% inzetten voor mijn komende deeltijdbehandeling. Na veel praten, nadenken en de voordelen en nadelen tegen elkaar afwegen ben ik tot de conclusie gekomen dat ik ervoor ga: geen alcohol tijdens het traject. Of in ieder geval, niet in traject A. In traject B kan ik misschien wel weer een wijntje drinken, dan “mag” het van de behandelaren ook weer. Maar dat zien we tegen die tijd wel. Misschien bevalt het me wel enorm om niet te drinken en ga ik ook lichamelijke en geestelijke voordelen eruit halen. Misschien besluit ik dan wel om dit voort te zetten.

In mijn leven is een wijntje drinken zo normaal geworden dat het een hele weg zal zijn om dit niet meer te doen. Het zal op sommige dagen enorm moeilijk zijn. Zeker op zware therapiedagen waarna ik normaal als ik thuiskwam een paar glaasjes zou drinken. Ik moet manieren gaan vinden om deze moeilijke momenten anders in te vullen. Ook zal het moeilijk zijn op visite, feestjes of andere gelegenheden waar alcohol gedronken wordt. En thuis, als mijn man een wijntje pakt of een herfstbockje neemt op een regenachtige herfstdag. Makkelijk wordt het zeker niet en om heel eerlijk te zijn… als ik er nu aan denk, vind ik het al enorm zwaar. Maar ik ga ervoor, ik moet dit kunnen, het is voor een goed doel.

Op naar een betere versie van mezelf, op naar Ingenborgh 2.0!

Het heeft even geduurd. Wat zeg ik? Het heeft heel lang geduurd, maar eindelijk is er dan duidelijkheid. Eindelijk is er zekerheid, want 12 oktober is het dan zover: ik mag starten met mijn deeltijdbehandeling Schematherapie bij De Viersprong. Wat dit met mij doet en hoe ik mezelf hierbij voel, deel ik in deze blog met jullie.

Steeds weer krijg ik dezelfde vraag van mijn huidige psycholoog, mijn ouders, de bedrijfsarts en niet te vergeten van vrienden: wanneer begint je behandeling? Maar ik weet het niet, ik kan er geen antwoord op geven. De indicatie was in november, maar het is nu september en ik heb nog niets mogen vernemen. Ik besluit dan ook om de stoute schoenen aan te trekken en een mail te sturen naar De Viersprong om navraag te doen of er al iets bekend is. Al vrij snel krijg ik antwoord dat mijn mail wordt doorgestuurd naar de wachtlijstcoördinator en dat zij contact met mij zal gaan opnemen.

Een week later heb ik helaas nog niets gehoord, dus pak ik de telefoon en bel ik naar De Viersprong. De wachtlijstcoördinator is zelf niet telefonisch bereikbaar maar de mevrouw die ik aan de telefoon heb, maakt een terugbelnotitie voor mij. Niet veel later gaat mijn telefoon al en ja hoor, het is de wachtlijstcoördinator. Ze is blij dat ik contact heb opgenomen en staat mij vriendelijk te woord. Op dit moment is ze bezig met het bellen van nieuwe patiënten die op de wachtlijst staan voor een behandeling en ik ben momenteel 4e op de wachtlijst. Omdat er 3 patiënten per keer worden toegelaten betekent dit dat ik er voor de komende behandeling net buiten val, maar ze kan me wel in de volgende groep plaatsen. Ik kan dus op 4 januari 2021 starten. Fijn, eindelijk een datum, eindelijk duidelijkheid.

Na opgehangen te hebben, word ik vrij snel opnieuw gebeld. Ik zou zelfs op 23 november al kunnen gaan starten. Mijn instelling is “hoe eerder, hoe beter” dus ik besluit ermee akkoord te gaan. Om eerlijk te zijn vind ik deze datum lastig. Dit omdat het begin van de behandeling zwaar zal gaan worden en met de feestdagen zo kort na het starten van mijn behandeling vind ik dat een beetje eng. Maar ik ga ervoor. Ik moet toch een keer gaan beginnen, dus dan maar het liefst zo snel mogelijk. Ik informeer mijn man, moeder en mail direct mijn psycholoog met het goede nieuws. Ook noteer ik de datum in mijn agenda en kijk ik meteen of ik na die datum nog afspraken heb staan op de maandag, dinsdag of woensdag. Dat zijn de dagen dat ik behandeling zal hebben, dus wil ik daarnaast geen andere afspraken gepland hebben staan. Gelukkig zijn dit er maar weinig en degene die ik had kan ik makkelijk verzetten. Wat fijn!

Ongeveer een uur later gaat opnieuw mijn telefoon.  En ja hoor…. opnieuw De Viersprong. De vrouw geeft aan dat ze ‘een foutje’ heeft gemaakt en mijn hartslag schiet meteen omhoog. Het zal toch niet zo zijn dat ik weer langer moet gaan wachten? Dat de datum weer verschoven wordt? Degene die mijn eerdere blogs hebben gelezen, weten dat er aan het begin van mijn aanmelding ook al een hoop dingen zijn misgegaan waardoor ik pas 2 maanden later op de wachtlijst gezet ben en de wachttijd ook steeds anders bleek te zijn dan dat mij op dat moment geïnformeerd werd. Teleurstelling op teleurstelling dus. Ik ga er dan ook meteen vanuit dat het wel weer slecht nieuws zal zijn. Maar dat blijkt gelukkig niet het geval te zijn. Er is in een groep eerder een plekje vrij dat nog opgevuld moet worden en de vraag is of ik op 12 oktober al zou willen starten. Volmondig zeg ik ja! Alles wordt in werking gezet en er wordt bevestigd dat deze datum de echte startdatum zal zijn.

Zodra ik heb opgehangen informeer ik meteen iedereen opnieuw. De reactie van iedereen is gelukkig positief, maar hoe voel ik me nu eigenlijk? Je zou denken dat ik door het dolle heen ben. Maar zo voelt het niet. Ik voel een raar soort angst opkomen. Want 12 oktober is nog maar 4 weken en dat idee zorgt ervoor dat ik zenuwen krijg. Ik voel me een kind dat morgen voor de eerste keer naar een andere school moet. Ik heb buikpijn en ook begin ik hoofdpijn te krijgen van al het nadenken. Het is eng en tegelijkertijd besef ik maar al te goed dat ik dankbaar mag zijn dat ik eerder kan beginnen. Deze datum is alleen maar beter. Hopelijk ben ik dan met de feestdagen in ieder geval door het zwaarste gedeelte heen en kan ik de feestdagen een beetje beter doorkomen dan vorig jaar.

Het gaat nu pas echt beginnen. Na 2 jaar ‘ziek’ te zijn gaat het nu pas echt starten. Ik ga starten aan de lange weg naar herstel. De behandeling zal naar alle waarschijnlijkheid minimaal 1.5 jaar duren en zal zeer intensief zijn, maar als dat betekent dat ik me straks beter ga voelen, dan heb ik dat er zeker voor over. Let’s do this, ik zal jullie op de hoogte houden van alles wat nog komen gaat !





Het duurt nog een tijdje maar dan is het eindelijk zover. Ik mag gaan starten met mijn behandeling bij De Viersprong. Wachten duurt lang en de gedachten dat ik straks met de behandeling ga starten maakt me ook lichtelijk zenuwachtig. Maar het is voor een goed doel. Een nieuwe ik ! Daar doe ik het voor.

In november 2019 ging hij op de bus ‘mijn doorverwijzing’. Op dat moment ging het erg slecht met mij en de behandelingen die ik tot op dat moment had gehad leken vrijwel niets voor mij te doen. De depressie bleef aanhouden en er was ook niet echt een verbetering te zien. Mijn psycholoog wilde graag een onderzoek laten uitvoeren door De Viersprong. Met dit onderzoek zou ik getest worden op een persoonlijkheidsstoornis. Zelf was ik hier ook enorm nieuwsgierig naar want als het dat zou zijn dan zou mijn ‘gedrag’ eindelijk ergens aan gekoppeld kunnen gaan worden. Ik houd normaal niet van stempels op iemand plakken maar in dit geval leek die stempel me wel erg fijn.

Na 2 dagen vol testen was het wachten geblazen. Wachten op het adviesgesprek. Uiteindelijk vond dit gesprek ongeveer 7 weken later plaats. Omdat ik totaal niet wist wat ik moest verwachten en ik enorm bang was dat zij mij niet zouden kunnen helpen had ik mijn man mee genomen. Het gesprek begon positief ‘ze konden me helpen’ pfoee dat was een opluchting. De stress ging een beetje uit mijn lichaam en de diagnose werd genoemd. Een vermijdende persoonlijkheidsstoornis met dwangmatige trekken. Omdat ik mezelf op dat moment beschadigde kwam daar ook nog de notitie ‘trekken van borderline’ bij maar daar was ik op voorbereid. Mijn gedrag had eindelijk een naam gekregen. In deze stoornis herkende ik mezelf zeker nu kon het herstel eindelijk gaan beginnen.

Na de diagnose was het tijd voor de wachttijd. Ik was van een wachttijd uitgegaan maar omdat mijn psycholoog mij had doorverwezen naar De Viersprong omdat zij de kortste wachtlijst hadden ging ik uit van een aantal weken. Dat deze wachttijd minimaal een half jaar zou zijn had ik niet zien aankomen. De grond zakte onder mijn voeten vandaan. Ik begon te huilen en kwam niet meer uit mijn woorden. Een halfjaar had ik dat goed gehoord? Ja , in de ogen van mijn man zag ik de teleurstelling ook ik had het dus wel goed gehoord. Even opperde ze om me die dag te laten opnemen op de crisis dienst. Omdat ik zo overstuur was in verband met de wachttijd leek het hen niet verstandig om naar huis te gaan. Maar ik gaf aan het te kunnen. Crisisopvang daar wilde ik nu dus echt niet heen. Nee ik wilde naar huis mijn bed in en daar een potje gaan huilen.

Dat deed ik dus ook. De dagen erna was ik weer terug een hoopje ellende. Huilend in mijn bed in een donkere kamer. Want wat had het allemaal nog voor zin. Ging ik het zo lang vol houden? Ging het me lukken om mezelf niets aan te doen tot die tijd? Ik wist het niet , de tijd zal het leren. Inmiddels zijn we maanden en een indicatie gesprek verder. Ook hier werden weer dingen gezegd die mij totaal uit mijn doen brachten. Bij het adviesgesprek werd er aangegeven dat ik op de wachtlijst geplaatst zou worden dat was echter niet het geval. Pas nu bij het indicatie gesprek werd ik op de lijst geplaatst. Dit betekende dus ook dat de wachttijd ook pas nu in ging. In november mag ik waarschijnlijk komen. Al is dat ook niet zeker.

Inmiddels is het al Mei als ik deze blog schrijf. Ik wacht nog steeds en momenteel heb ik enkel therapie om de tijd te vullen tot ik mijn behandeling bij De Viersprong kan gaan starten. Deze week ontving ik een mail om te starten met een voortraject. Dit zijn een aantal besprekingen waarin alvast uitgelegd wordt wat de behandeling inhoudt. Spannend maar ik besef ook ontzettend goed dat het hierna nog een hele tijd gaat duren voor ik ‘echt’ mag gaan starten met de behandeling.

Wachten dus…. Dat is het enige wat ik nu kan doen. Wachten en zorgen dat ik sterk blijf. Sterker dan de zwarte wolken in mijn hoofd. Deze behandeling moet me gaan helpen. Zo niet ? Tja dan weet ik het ook niet meer.

Vandaag was het dan eindelijk zover. De behandeling van de afgelopen tijd heeft mij in een dieper dal gebracht dan ik ooit ben geweest. Het is tijd voor iets nieuws. Een nieuwe diagnose, een nieuwe behandeling maar dat betekend ook een nieuwe wachtlijst. En wachten dat is precies waar ik nu niet zo goed in ben.

Daar gaan we dan. Mijn man heeft de middag vrij genomen om met mij mee te gaan naar het adviesgesprek. Eerst wilde ik alleen gaan maar ik weet dat als ik gespannen ben niet altijd alles goed bij me binnen komt. Het is dus fijn dat hij mee gaat. De weg naar De Viersprong lijkt oneindig en dat terwijl het eigenlijk maar een half uurtje rijden is. We zijn goed op tijd dat vindt ik fijn. Ik heb de laatste dagen zo op mijn man zitten hameren dat we op tijd moesten zijn. Maar dat is gelukt.

Na ongeveer 10 minuten in de wachtkamer te hebben gezeten worden we opgehaald. We gaan naar een kantoortje waar nog een andere vrouw zit die ik nog niet heb gezien. Zij blijkt de supervisor te zijn en is eind verantwoordelijk voor het behandel advies. Ik voel me gespannen , weet niet waar ik moet kijken en mijn schouders zitten zo gespannen dat ze pijn doen. ‘ Je bent gespannen he’ wordt er gezegd en dat moet ik beamen. Ze vragen me waarom ik zo gespannen ben. De gespannenheid komt voort uit angst. Angst dat zij mij ook niet kunnen helpen, angst dat zij niet voldoende voor mij kunnen doen. Maar ze kunnen mij helpen zegt ze meteen. Wat een opluchting, een fijn begin van het gesprek.

Er wordt kort stilgestaan bij de testen die ik in december heb moeten doen. Mijn man wordt op de hoogte gebracht van heel het traject en daarna is het tijd voor de diagnose. De diagnose was voor mij niet zo schrikwekkend. Dat ik een persoonlijkheidsstoornis had was eigenlijk al duidelijk het was alleen nog belangrijk te weten welke dan. Uit de test kwam de ‘ Vermijdende/ontwijkende persoonlijkheidsstoornis naar voren. Daarnaast krijg ik omdat ik mezelf pijn doe ook de diagnose ‘kenmerken van borderline’. Ook hier was ik op voorbereid. Mijn psycholoog had me al geïnformeerd dat dit gezegd zou worden puur omdat ik mezelf pijn doe. De vrouw van De Viersprong beaamt dit. Een vermijdende/ontwijkende persoonlijkheidsstoornis dus. Ze begint uit te leggen wat dit precies inhoud. Bij elke zin die ze uitspreekt zie ik mijn man een knikje geven en ik moet zeggen dat ik mezelf hier ook erg in herken. Ondanks dat ik eigenlijk geen ‘stempel’ wilde krijgen valt hierdoor voor mij wel veel op zijn plaats.  Er is zo vaak gezegd dat ik dingen gewoon maar anders moest doen of gewoon maar normaal moest doen dat ik zo ben gaan twijfelen aan mezelf. Maar nu heeft het een naam. Nu blijkt dat het niet zomaar gedrag is wat ik gewoon even moet veranderen. Daar is tijd voor nodig en behandeling en die kunnen ze me gaan bieden.

Het is inmiddels tijd geworden voor het behandeladvies. Er waren eigenlijk 2 opties die het beste bij mij zouden passen. Een interne behandeling (3 maanden) of een deeltijd behandeling van 3 dagen in de week.  Ik heb met allebei de opties rekening gehouden. Ik heb er veel over nagedacht. De interne behandeling zou het beste zijn. Even weg uit mijn vaste patronen en volledig gaan voor herstel. Hierbij zou ik ook het snelste resultaat gaan zien. Maar een min punt is mijn ontzettende heimwee. Hoe ga ik dat doen ? 2×6 weken van huis als ik eraan denk krijg ik de kriebels al. Maar goed de keuze is niet aan mij. Ik ben het meeste bang dat zij mij maar een uurtje therapie per week kunnen gaan bieden. Ik wil zo graag stappen maken maar met zo weinig tijd ben ik bang dat ik niet echt voorruit ga komen. Het advies wordt genoemd; deeltijd behandeling (3 dagen) met schematherapie, individuele therapie, non verbale therapie en groepstherapie. Wat een fijn advies, mijn schouders kunnen weer iets naar beneden. Deeltijd is misschien wel de beste optie. Op die manier houd ik zelf de regie en kan ik gewoon in mijn eigen bed slapen. Het zullen lange intensieve dagen worden maar ik ben bereid er voor de volle 100% tegen aan te gaan. Ze zegt dat er een wachtlijst is en hier was ik al vanuit gegaan. Er zijn tegenwoordig weinig behandelingen waarbij je direct terecht kan en dat je suïcidaal bent maakt voor de wachttijd vaak ook weinig uit. Qua wachttijd waren wij ongeveer uitgegaan van 8 tot 12 weken. Bleek dat even anders te zijn. De geschatte wachttijd voor behandeling is 24 tot 36 weken. Ik voel de grond onder me weg zakken. De tranen rollen over mijn gezicht en ik weet niet meer wat ik zeggen moet. Valt dit me even zwaar. Dat is gewoon dik een half jaar wachten , hoe ga ik die tijd doorkomen? Lukt het mij om sterk te blijven? Hoeveel littekens zullen er in die periode nog bij gaan komen?

De supervisor praat verder maar ik hoor niet meer wat ze zegt. ‘Kom ik nog wel binnen’ vraagt ze dan. Maar nee om eerlijk te zijn komt ze niet meer binnen. Waar de hoop een beetje gestegen was door het behandeladvies is de hoop nu totaal weg.  Ze begint over het reserveren van een bed voor vanavond op de Crisis. Maar nee dat wil ik niet. Ik wil zelf de regie houden. We besluiten dat ik naar huis mag gaan maar dat de huisartsenpost wel wordt ingelicht zodat mijn maan niet alles hoeft uit te leggen als hij belt. We gaan naar huis, eindelijk.

In de auto weet ik niet wat ik moet zeggen. De tranen komen opnieuw op en ik voel me echt ten einde raad. Steeds maar weer spookt er in mijn hoofd hoe ik dit moet gaan doen. Een half jaar lang. Ik weet het even allemaal niet meer. Op de radio hoor wordt verteld over Charlotte die bij het ministerie zit en al 804 dagen op een wachtlijst sta. Wat stel ik me dan aan? Maar jeetje wat vindt ik het ondragelijk om dit nu te horen.  Ik wil de auto uit dus vraag ik of we kunnen stoppen bij het pompstation. Ik loop naar binnen om even wat te drinken te pakken. Maar eigenlijk wil ik gewoon even buiten zijn. Even niet luisteren naar berichten over wachttijden ,over suïcide pogingen en over het GGZ.  Ik wil naar huis….onder mijn dekentje en er de rest van de week niet meer onder uit komen. Maar dat helpt me niet. Dus ik zet mijn masker weer op en tover een lach op mijn gezicht. Ik moet door!